De Slag om de Schelde

verhaal Redactie Zeeuwse Ankers, gepubliceerd op

“De toegang tot de Schelde moet koste wat kost geblokkeerd blijven. Daar de val van Antwerpen het einde van het Duitse Rijk zou betekenen”. Adolf Hitler begreep het belang van de strategische ligging van Zeeland langs de monding van de Westerschelde en wilde dit gebied met man en macht behouden. Ook voor de geallieerden was de overwinning op de Westerscheldemonding van cruciaal belang, voor de bevoorrading van de geallieerde troepen in Antwerpen. Het verloop van de bevrijding aan het Westfront hing af van hetgeen op de Westerschelde gebeurde. Zodoende vond een van de zwaarste slagen tijdens de Tweede Wereldoorlog plaats in Zeeland: de Slag om de Schelde.

Kaart waarop de bevrijding van Zeeland tijdens de Slag om de Schelde wordt weergegeven. (www.stichtingslagomdeschelde.nl, Kees Lammers)

De Slag om de Schelde in getallen

De Slag om de Schelde begon op 4 september 1944 met de val van Antwerpen en eindigde op 6 november 1944 met de capitulatie door de Duitse commandant Wilhelm Daser in Middelburg. De strijd kostte 2.283 burgers en 7.481 militairen het leven. Het verloop van de Slag om de Schelde kende vier episodes:

– Opmars naar Zeeuws-Vlaanderen,
– Operatie Switchback in West-Zeeuws-Vlaanderen,
– Operatie Vitality Zuid-Beveland,
– Inundaties en bevrijding: Operatie Infatuate Walcheren.

Opmars naar Zeeuws-Vlaanderen

Antwerpen viel op 4 september 1944 in geallieerde handen. Daarmee werd het 15e Duitse leger ingesloten en men verwachtte een snelle opmars van de geallieerden. Onder de bezetter ontstond paniek en het Duitse opperbevel gaf opdracht om via de Zeeuwse eilanden aan de geallieerde omsingeling te ontsnappen. Op Dolle Dinsdag, 5 september 1944, trokken Duitse troepen zich vanuit Noord-Frankrijk, België en Zeeuws-Vlaanderen massaal terug en gebruikten daarbij alles wat reed. Er werden zelfs kinderwagens gevorderd. Niettemin kreeg de bezetter na enkele uren weer grip op de situatie en Duitse soldaten werden op hun stelling teruggeplaatst of elders ingekwartierd, in afwachting van hun oversteek naar Walcheren en de Bevelanden.

Duitse troepen trekken zich terug in Oostburg op 5 september 1944 (ZB, Beeldbank, collectie foto’s, foto O. de Milliano).

Toch ging de aftocht van het 15e Duitse leger daarna onverminderd door. De manschappen werden namelijk ingezet ter versterking van de troepen in Noord-Brabant en ter verdediging van de monding van de Westerschelde. De geallieerden probeerden de aftocht van de Duitse soldaten te verhinderen door bombardementen uit te voeren op veerhavens in Zeeuws-Vlaanderen, Walcheren en Zuid-Beveland, waarbij het Zeeuws-Vlaamse dorp Breskens op 11 september 1944 het hardst werd getroffen. Het bombardement op Breskens miste doel: de veerhaven was nog intact en een paar uur later werd de oversteek van Duitse soldaten op de Westerschelde hervat. Uiteindelijk konden ruim 80.000 manschappen van het Duitse 15e leger wegkomen via Walcheren en Zuid-Beveland naar Brabant.

Operatie Switchback in West-Zeeuws-Vlaanderen

Op 16 september passeerden de eerste geallieerde troepen vanuit België in Oost-Zeeuws-Vlaanderen de grens. Al snel bleek de Duitse weerstand in dit gebied gebroken. Oost-Zeeuws-Vlaanderen werd in 5 dagen bevrijd. Na de snelle opmars in Oost-Zeeuws-Vlaanderen trokken de geallieerden westwaarts, waar ze op felle tegenstand van de Duitsers stuitten tijdens operatie Switchback. West-Zeeuws-Vlaanderen werd dorp voor dorp bevrijd, te beginnen met Eede op 6 oktober en ten laatste Sluis op 1 november. De bevrijding van Breskens was voor de geallieerden van strategisch belang, de haven moest worden klaargemaakt voor de landing in Vlissingen. Op 21 oktober werd Breskens bevrijd, waarna op 25 oktober een groep soldaten van de geallieerde marine aankwam in de haven. Daarmee was Walcheren eind oktober aan alle kanten omsingeld.

Operatie Vitality in Zuid-Beveland

Tegelijkertijd werd ook in andere delen van Zeeland fel gestreden. Operatie Vitality werd door de geallieerden tussen 24 en 30 oktober in werking gesteld voor de bevrijding van Zuid-Beveland. Vanaf 2 oktober werd fel gestreden in het gebied tussen Antwerpen en Woensdrecht, om de oostelijke toegang tot de Westerschelde-oevers veilig te stellen. Vooral tijdens de gevechten om Woensdrecht op 13 oktober, ook wel Black Friday genoemd, leed het Canadese leger zware verliezen. Operatie Vitality bestond uit twee fasen: de Canadese legers rukten vanuit Brabant op over de Kreekrakdam en de Britten voerden over de Westerschelde landingen uit met amfibie-voertuigen bij Baarland en Hoedekenskerke. Door de gecombineerde aanval verbrokkelde de sterke Duitse tegenstand op Zuid-Beveland. Het gebied werd op 30 oktober bevrijd, waarna de geallieerden konden oprukken naar de Sloedam, die Walcheren met Zuid-Beveland verbond. Vanuit Brabant werd gelijktijdig gevochten om Tholen en Sint Philipsland, die respectievelijk op 30 oktober en 4 november werden bevrijd.

Walcheren onder water. Middelburg 1945. (ZB, Beeldbank Zeeland, collectie foto’s, foto C. Blazer).

Operatie Infatuate op Walcheren: inundaties en bevrijding

Walcheren was aan alle kanten omsingeld en werd vanuit het westen, het zuiden en het oosten aangevallen. De strijd om Walcheren werd echter niet zonder slag of stoot gewonnen, de Duitsers boden felle tegenstand. Vanuit het oosten vielen Britse en Canadese legers de Sloedam aan. De Slag om de Sloedam begon op 31 oktober en het duurde vijf dagen vooraleer er een geallieerd bruggenhoofd was. Walcheren werd vanuit het zuiden aangevallen over de Westerschelde, in Vlissingen. Hier landden geallieerde troepen op 1 november. De strijd in de binnenstad duurde drie dagen en op 3 november werd Vlissingen bevrijd. De schade was enorm, één huis bleef onbeschadigd.

Over zee, ten westen van het eiland, werden vanuit de lucht en over het water aanvallen uitgevoerd bij Westkapelle. Ter voorbereiding op de invasie van Walcheren verrichtten de geallieerden zware bombardementen op de dijk bij Westkapelle, waarbij 180 burgers om het leven kwamen. Uiteindelijk brak de dijk door en Walcheren werd geïnundeerd. Hiermee poogden de geallieerden de verdediging van de Duitse troepen te beslechten. Op 1 november landden dertig geallieerde vaartuigen bij Westkapelle. De opmars van de geallieerde troepen kon hierna vanuit drie richtingen spoedig worden voortgezet en op 6 november capituleerde de Duitse commandant Wilhelm Daser in Middelburg. Daarmee kwam de Slag om de Schelde ten einde en was een groot deel van Zeeland bevrijd.

Voor Schouwen-Duiveland zou de bevrijding pas in mei 1945 komen. Het eiland kreeg gedurende het laatste jaar van de oorlog zwaar te lijden onder inundaties, precisiebombardementen en de evacuatie van vrijwel de gehele bevolking.

Bronnen

Frenks, Veronica, Zeeland 40 – 45, Zwolle 2014.
Brusse, Paul en Jan Zwemer (red.), Geschiedenis van Zeeland, deel 4: 1850 – 2000, Zwolle/Utrecht 2014.
Website over de Slag om de Schelde.
Website van het Bevrijdingsmuseum.