Campveerse Toren

Toren, vesting en tijd

De Campveerse Toren is een van de weinige overblijfselen van de stenen verdedigingswerken van Veere. Gebouwd in de 15de eeuw aan de waterzijde bij de ingang van de haven heeft het gebouw typerende kenmerken. In tegenstelling tot veel andere onderdelen van de vesting doorstond de toren de tand des tijds.

Campveerse Toren. (ZB, Beeldbank Zeeland, foto M. Meijer-van der Linde)

Van Borselen

In de 13de eeuw verwierf met name één familie macht en invloed over de plaats Veere en omgeving. Het waren de Van Borselens die zich binnen de Zeeuwse adel wisten op te werken tot een voornaam geslacht. Uit dit geslacht kwamen dan ook de eerste zogenaamde ‘heren’ en ‘vrouwen’ van Veere. De Van Borselens zetten zich op diverse wijzen in voor de belangen van Veere. Zo stimuleerden zij handelscontacten en financierden zij mede allerlei bouwwerken.

Bouw en stijl

Het precieze jaar waarin de Campveerse Toren is gebouwd, is niet bekend. Dit moet echter ergens aan het eind van de 15de eeuw zijn. De aanleg van de eerste ommuring van Veere begon al in het midden van de eeuw daarvoor, zo rond 1350. Aanstichter voor de aanleg van deze versterking was Wolfert III van Borselen.

Plattegrond van Veere door Jacob van Deventer, 1550. Deze kaart is een van de eerste (en betrouwbare) kaarten van Veere. De Campveerse Toren staat, zoals nu nog steeds, rechts bij de uitgang van de haven. Linksonder op de plattegrond staat ook kasteel Sandenburgh.

Hoog en puntig

In de buitenzijde van de toren is gebruik gemaakt van Belgische kalksteen. Deze zit als een ‘speklaag’ tussen lagen rode baksteen. Ook heeft de gevel aan de landzijde oorspronkelijk vijf pinakels. Daarachter bevindt zich een hoog en puntig leien dak. Gelet op zijn vorm is de Campveerse Toren een zogenaamd rondeel. Het is een halfronde toren: rond aan de buitenzijde, recht of plat aan de stadszijde.

Kalksteen als speklaag tussen rode baksteen en pinakels…

Zeeklei

Uit bouwkundig onderzoek blijkt dat voor de toren een specie van kalk en schelpen is gebruikt. Deze specie is vermengd met zeeklei. De klei zorgt er voor dat de specie beter weerbestendig is dan gewoon cement. Ook in de oude stadsmuur van Veere zit eenzelfde speklaag als in de toren en is dezelfde specie verwerkt.

Aanlegsteiger van het voormalige veer naar Veere in Kamperland, 1998. Op de achtergrond het silhouet van Veere met onder andere Grote Kerk en stadhuis. (ZB, Beeldbank Zeeland, foto W. Helm)

Sandenburgh

In de tijd van de bouw van de Campveerse Toren stond ten zuiden van de stad reeds een versterkt gebouw. Het was kasteel Sandenburgh, vermoedelijk gebouwd in de 13de eeuw en vervolgens regelmatig uitgebreid. Het kasteel behoorde toe aan de familie Van Borselen. In de 16de eeuw zorgde een brand, gevolgd door een snel verval, voor een roemloos einde van dit bouwwerk.

Kruittoren

De Campveerse Toren maakte deel uit van de verdedigingswerken van Veere. Deze verdedigingslinie kende meerdere torens en poorten. Zo had de Campveerse Toren een zustertoren, aan de overzijde (of noordzijde) van de haven. Deze Noorder- of Kruittoren zag er precies hetzelfde uit. Op het wapen van de gemeente Veere staan beide torens naast elkaar. Bij deze Kruittoren bevond zich ook de Noord(er)hoofdspoort. Dit was een klein poortje in de zeemuur ten noorden van de toren. In 1630 was de Kruittoren samen met delen van de bebouwing eromheen door verzakking van de grond in het water gestort. Herbouw vond niet meer plaats. Niets wijst nu nog op het bestaan van dit bouwwerk.

Afbeelding op prentbriefkaart van het kasteel Sandenburgh, naar een 18de-eeuwse gravure naar de tekening van Isaac Hildernisse uit 1701 (Zeeuws Archief, coll. Zeeuws Genootschap, Zelandia Illustrata). Situatie ten tijde van de markies Maximiliaan van Bourgondië.

Torens en poorten

In de ommuring van Veere bevonden zich verschillende grotere en kleinere (wacht)torens. Aan de landzijde vormden zij vaak een combinatie met een doorgang in de muur (poort). Aan de waterkant van Veere waren het de Nelistoren en Montfoortse toren. De laatste is gebruikt als gevangenis, zodat deze ook wel bekend staat als Gevangentoren. Aan de landzijde kende de omwalling de Zandijksepoort, Mijnsherenpoort, Warwijksepoort, Watermolenpoort en Windmolenpoort. Ook bij de Campveerse Toren zat vanaf de 16de eeuw een poort in de omwalling van de stad, de Zuidhavenpoort.

Hoofd

Aan de voet van de toren startte in 1562 de bouw van het ‘Blauwe Hoofd’ (ook wel Zuiderhoofd genoemd). Deze stenen uitbouw in het water verrees aan de havenzijde van de Campveerse Toren. Dit ‘hoofd’ dankte zijn naam aan het gebruikte materiaal. Het werd namelijk opgetrokken uit blauwe arduinsteen. Van het Blauwe Hoofd komt men via de eveneens nieuwe Zuidhavenpoort met een paar treden op het zogenaamde Campveerse Hoofd. Deze korte strekdam is beschoeid met zware palen. Het is de plek waar het veer vertrekt. De Zuidhavenpoort zelf is haaks op de toren gebouwd.

Tand des tijds

In de loop der eeuwen zijn de verdedigingswerken uitgebreid, weer verbouwd en later gesloopt of vervallen. In Veere is de Campveerse Toren, met aangebouwde Zuidhavenpoort, een van de weinige stenen overblijfselen van de oude vestingstad.

De Campveerse Toren, hier ‘Den Hoofttoren’ genaamd, zoals afgebeeld in de ‘Nieuwe Cronyk van Zeeland’ van M. Smallegange, 1696. (Zeeuws Archief, coll. Zeeuws Genootschap, Zelandia Illustrata)

Herberg

De toren is gebouwd als onderdeel van de verdediging van de stad Veere. Als zodanig heeft hij ook gediend en hebben gewapende burgers en soldaten het gebouw diverse malen ‘bemand’. Toch heeft de Campveerse Toren al zeer lange tijd vooral een geheel andere functie. Al vanaf de 16de eeuw is deze ook herberg. Eerst heette het gebouw stadsherberg, nadien logements- en koffiehuis en later ook restaurant. Als zodanig komen er ook de nodige gasten, waaronder enkele zeer bekende. Lees hierover het verhaal Herberg van formaat.

1738

Hoewel het jaartal 1738 boven de entree staat, heeft dit niets met de bouw van de toren te maken. Het verwijst simpelweg naar het jaar waarin een ingrijpende restauratie van de toren plaatsvond. Wel werd ook in die periode de toren aan de oostzijde uitgebreid met een vleugel, gebouwd op een gedeelte van de oude walmuur.

De Campveerse Toren omstreeks 1900. (ZB, Beeldbank Zeeland)

Restauratie

Halverwege de 20ste eeuw werd de Campveerse Toren drastisch gerestaureerd. In 1949 het hoteldeel, waar op de benedenverdieping een paardenstal was. En in 1950/1951 de toren met restaurant en café. De belangrijkste verandering daarbij was het herstel van de topgevel, die in 1868 was afgebroken. Het gebouw is nu eigendom van Vereniging Hendrick de Keyser. Eten kun je er nog steeds.