Boerderijen

Op de Zeeuwse grond wordt al tijden geboerd. Zo zijn er bij Serooskerke sporen gevonden van een vroegmiddeleeuwse schapenboerderij met ruimte voor zo’n zestig tot tachtig schapen. Zeeuwse boeren werkten in het verleden al zeer vraaggericht. En met een veranderende vraag veranderde ook vaak de vorm van hun boerderij. Die pasten ze aan het werk dat ze deden aan en aan de opslagcapaciteit die er nodig was. Overal in de provincie zie je nog prachtige oude boerderijen staan. Het gros daarvan is gewoon nog in gebruik en daarmee vormen ze een prachtig voorbeeld van levend erfgoed.

Grote schuren

In de zeventiende eeuw nam de vraag naar landbouwproducten toe. En dus gingen de Zeeuwse boeren meer produceren. Daardoor was er dan weer meer opslag- en werkruimte nodig en dat had zijn weerslag op het uiterlijk van boerderijen. Die kregen veel grotere schuren om zo veel meer producten kwijt te kunnen en ’s winters ook nog ruimte te hebben om te dorsen.

Boerderij Land- en Zeezicht in Kamperland (foto Ben Biondina, www.beeldbank.zeeland.nl).

Boerderij Land- en Zeezicht in Kamperland (foto Ben Biondina, www.beeldbank.zeeland.nl).

Kenmerken van Zeeuwse schuren

Sommige schuren boden plaats aan vee, maar de meeste ruimte was gereserveerd voor plantaardige producten. Gedorst graan werd boven op de graanzolder opgeslagen om het te beschermen tegen muizen en ratten. Naast de grootte zijn andere typische kenmerken van Zeeuwse schuren de zwart geteerde en gepotdekselde (schuin over elkaar geplaatste) planken en witte randen rond de deuren die hielpen bij het vinden van de ingang als het nog donker was. Vaak waren de grote schuurdeuren ook voorzien van klein deurtjes (klinketten). Ook daar zat dan weer een witte rand rond. De meeste schuren hadden trouwens geen rieten dak, maar een dak van stro. Dat was veel goedkoper. Tegenwoordig is er in Zeeland een bouwtrend waarbij men het traditionele uiterlijk van de Zeeuwse schuur probeert te imiteren. Er zijn zelfs campings waar de stacaravans er als kleine zwarte schuren uitzien.

Nieuwlands Rust in Nieuw- en Sint-Joosland (Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, foto Theo Baart).

Nieuwlands Rust in Nieuw- en Sint-Joosland (Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, foto Theo Baart).

Erf

Op het boerenerf vond je naast woonhuis en schuur doorgaans vaak ook een varkenshok en een bakkêêt waar het brood werd gebakken en de maaltijd werd bereid. Vaak ontving de meid op die plek ook ’s avonds haar vrijer. Dat soort bezoekjes werd er in elk geval wel naar genoemd: bakkêêten. Ook waren er vaak landarbeidershuisjes. Daar zijn er niet meer veel van over, maar als ze er nu nog staan, worden ze doorgaans verhuurd als vakantiewoning.

Van buitenplaats naar boerengrond

Na een dip eind zeventiende eeuw steeg de prijs van landbouwproducten in de achttiende eeuw weer. Tegelijk ging het slecht met veel buitenplaatsen. Zij boden hun grond te koop aan. De percelen die tot die tijd als tuin of park dienst hadden gedaan, werden omgeploegd tot akkers. Er was meer bergruimte nodig om alle extra oogst kwijt te kunnen. Soms werd dat opgelost met de bouw van een extra schuur, maar vaak werd er groter gebouwd. Zo’n grote schuur was, net als een grote auto nu, ook een statussymbool waarmee je liet zien hoe succesvol je was. Plantlust en Land- en Zeezicht bij Kamperland hebben nog van die grote schuren.

Kleinere schuren

Toch werden de schuren uiteindelijk weer kleiner. Dat had niet te maken met de hoeveelheid producten die werd geoogst, maar wel met de aard van de producten. De boeren legden zich meer toe op aardappelen en suikerbieten en die werden niet in schuren opgeslagen. Vooral dat laatste product wordt nu nog fanatiek geteeld op Noord-Beveland en in het najaar zie je daar ook nu nog grote hopen bieten naast de akkers liggen. Wil je meer weten over Zeeuwse boerenschuren, dan kun je een filmpje van de Zeeuwse canon kijken.

Versiering

Boeren konden niet alleen met de grootte van hun schuur een verhaal vertellen. Ze brachten op en rond hun boerderijen symbolische versieringen aan om zo op sierlijke wijze een boodschap over te brengen via bijvoorbeeld toegangshekken, de nokken van schuren, luiken, boeiborden, metselwerk en muurankers. Toegangshekken barstten van de versieringen en symboliek. Soms is de naam van de boerderij in het smeedwerk verwerkt. Ook werd er met symbolen gewerkt, zoals hanen, lelies of lisbloemen die respectievelijk staan voor afweer van onweer, reinheid en licht. Bij veel boerderijen zijn de hekken verdwenen – ze waren voor de grote, moderne landbouwmachines wat aan de krappe kant. Als je bij een oprit naar een boerderij nu nog een fraai versierde paal in zijn eentje ziet staan, dan is dit een dampaal waar vroeger het hek aan ophing.

Toegangshek te Zaamslag met diverse symbolische tekens (foto Sandra Dobbelaar).

Toegangshek te Zaamslag met diverse symbolische tekens (foto Sandra Dobbelaar).

Bijzondere boerderijen

Boerderij Oranjepolder bij Arnemuiden is een van de grootste historische boerderijen van Walcheren. Hij stamt uit het begin van de twintigste eeuw en is opgetrokken uit baksteen, wat in die tijd een teken van welvaart was. De boerderij heeft een minicamping en je kunt er dus overnachten.

Nog uitzonderlijker is ’t Hof de Dierik bij Oudelande. Dit is de enige boerderij in Zeeland die in de stijl van de Amsterdamse school is opgetrokken. Het complex (een landhuis met dienstwoning en nog meerdere gebouwen) is in zijn geheel opgetrokken uit een opvallende donkere baksteen.

De laatste eigenaar van Hoeve Van der Meulen wilde niet met zijn tijd meegaan en verzette zich hevig tegen ruilverkaveling. Daardoor raakte zijn boerderij erg vervallen, maar tegelijk bleven er veel authentieke details bewaard. De hoeve is door Het Zeeuwse Landschap volledig opgeknapt en nu is het uniek boerenland erfgoed, tot aan de authentieke inrichting van het landschap aan toe. Er zijn kleine akkers, holbollige weides en heggen. Bij de boerderij vind je een moestuin en een boomgaard met hoogstambomen. Er zijn twee vakantiewoningen gerealiseerd zodat je in de boerderij kunt overnachten. Ook organiseert Het Zeeuwse Landschap hier regelmatig rondleidingen.

De monumentale hoeve Van der Meulen op Zuid-Beveland is volledig gerestaureerd.

De monumentale hoeve Van der Meulen op Zuid-Beveland is volledig gerestaureerd.

Goemanszorg in Dreischor is een museumboerderij. Hier ervaar je het boerenleven van begin twintigste eeuw. Je kunt een authentieke boerenwoning bezoeken en zien hoe het land vroeger bewerkt werd. Ze hebben een grote collectie landbouwwerktuigen.

Het boerenbedrijf nu

Het overgrote deel van de boerderijen die je nu op het platteland ziet, is nog in bedrijf – al zijn er ook een paar waar de schuur tot woonhuis is omgebouwd. Veel boeren halen aanvullende inkomsten uit het toerisme of de recreatie. Ze hebben bijvoorbeeld een minicamping, verhuren een huisje of stacaravan of hebben zelfs een indoorspeeltuin in een van hun schuren. Zo kun je als toerist het boerenleven tijdens je vakantie van heel dichtbij meemaken. Een aanvullende trend is dat steeds meer boeren hun eigen producten (soms in combinatie met andere streekproducten) verkopen vanuit een eigen winkeltje. In een aantal gevallen kun je als particulier ook een kijkje achter de schermen krijgen. Zo organiseert Kaasboerderij Schellach (net buiten Middelburg) regelmatig boerderijbelevingen en kun je er dagelijks een kijkje nemen bij hun open koeienstal.