Verdronken Hannekenswerve: een kruiskerk onder een dijk

verhaal Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland, gepubliceerd op

Het mooiste resultaat van archeologisch onderzoek in een verdronken dorp in West-Zeeuws-Vlaanderen is wel de opgraving van de kerk van het verdronken Hannekenswerve. Hannekenswerve is een van de zes met naam bekende terpen (werven) in West-Zeeuws-Vlaanderen en groeide in de loop van de tijd als enige van die zes uit tot een dorp. Hanekinwerve, later ook Heinkewerve, wordt voor het eerst in de bronnen genoemd in 1169. Rond 1300 bezat het dorp al een molen en een steenbakkerij. Het dorp ondervond grote schade van de stormvloeden van 1421 en 1477, en van de militaire inundaties van 1583 en 1604. Vanaf dat laatste moment verdwijnt de nederzetting langzaam en in 1666 zijn er al geen zichtbare resten meer en weet men alleen nog de plek waar het dorp zich ooit bevond. Het dorp was gelegen ruim twee kilometer ten oosten van Sluis en een kilometer ten noorden van Draaibrug.

Heinkewerve of Hannekenswerve, afgebeeld op de geschilderde Grote kaart van het Brugse Vrije door Pieter Pourbus in 1571 in kopie door Pieter Claeisens uit 1601. Duidelijk zichtbaar zijn de kerk en de molen van het dorp. (Van der Herten 1998)Heinkewerve of Hannekenswerve, afgebeeld op de geschilderde Grote kaart van het Brugse Vrije door Pieter Pourbus in 1571 in kopie door Pieter Claeisens uit 1601. Duidelijk zichtbaar zijn de kerk en de molen van het dorp. (Van der Herten 1998)

Opgraving

In 1964 werd de ligging van de resten van de kerk, en daarmee het dorp, ontdekt bij de aanleg van een waterleiding en een kleine proefopgraving na de vondstmelding. De resten bleken zich te bevinden onder de dijk langs de Hannekenswerveweg. Nog in hetzelfde jaar is de kerk van het dorp voor het grootste gedeelte opgegraven door leden van de Archeologische Werkgemeenschap Nederland onder toezicht van amateurarcheoloog Jan van Hinte. De opgraving stond onder auspiciën van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, waarvan van Hinte correspondent was.

Opgraving van de resten van de kerk van Hannekenswerve. Centraal zijn de resten van de pijlers van de centraal in het gebouw gelegen vieringtoren van de kruiskerk zichtbaar. (Beeldbank SCEZ)Opgraving van de resten van de kerk van Hannekenswerve. Centraal zijn de resten van de pijlers van de centraal in het gebouw gelegen vieringtoren van de kruiskerk zichtbaar. (Beeldbank SCEZ)

Kapel en kerk

De vroegste vermelding in 1169 betreft de kapel van Hannekenswerve, die in dat jaar dus al bestaat. Deze kapel had zeer waarschijnlijk de vorm van een rechthoekig eenbeukig zaalkerkje en vormde de kern van de latere kerk met zijn uitbreidingen. Dit zaalkerkje is gefundeerd op uit Vlaanderen aangevoerde Paniseliaanse kiezelzandsteen. In het muurwerk is ook hergebruik gemaakt van tufsteen en Romeinse baksteen, vermoedelijk afkomstig van een Romeins gebouw (wachttoren?) uit de directe omgeving of uit de Romeinse versterkingen van Aardenburg. Nog in het laatste kwart van de twaalfde eeuw werd de zaalkerk als kern opgenomen in een Romaanse kruiskerk, als dochterkerk van de Mariakerk van Aardenburg. Ook deze kerk is opgetrokken uit de genoemde kiezelzandsteen. Deze Sint-Nicolaaskerk, de enig bekende Romaanse kerk in Zeeuws-Vlaanderen en Zeeland, had een driebeukig schip, een transept met twee kruiskapellen en een rechthoekig gesloten koor.  Centraal in het transept bevond zich waarschijnlijk een achthoekige vieringtoren, zoals blijkt uit een afbeelding op een 16de eeuwse kaart in Brugge. In het zuidelijk deel van het transept werd onder de eerste tegelvloer het restant van een klokvorm ontdekt, waar de kerkklok voor de nieuwe kerk was gegoten. In de 13de eeuw werd de kerk wederom uitgebreid met aan- en uitbouwen, nu uitgevoerd in baksteen. Eerst werden aan de noordzijde een Mariakapel aangebouwd, daarna werd het koor verlengd naar het oosten en de Sint-Nicolaaskapel aan de zuidzijde gebouwd. Aan de zuidkant van het transept werd nog later een kleine aanbouw toegevoegd.

Plattegrond kerk Hannekenswerve. Aangetroffen muurwerk in zwart, aanvullingen met stippellijnen. 1. Kapel ca. 1150; 2. Romaanse kruiskerk 1175-1200; 3. Uitbreidingen baksteen 13de eeuw; 4. Grafkelders; 5. Klokvorm. (Van Dierendonck 2005)Plattegrond kerk Hannekenswerve. Aangetroffen muurwerk in zwart, aanvullingen met stippellijnen. 1. Kapel ca. 1150; 2. Romaanse kruiskerk 1175-1200; 3. Uitbreidingen baksteen 13de eeuw; 4. Grafkelders; 5. Klokvorm. (Van Dierendonck 2005)

Grafstenen

In de kerk werden nog vele resten van begravingen gevonden in de vorm van grafstenen, bakstenen grafkelders en een kistbegraving. In totaal werden nog 9 grafstenen, merendeels met inscripties, aangetroffen; er zijn er echter ook verloren gegaan. Alle nog aanwezige grafzerken bleken niet meer op hun oorspronkelijke positie te liggen. De dateringen van die grafstenen variëren van 1311 tot 1563. Twee grafstenen zijn van ridders: een daarvan, Wouter van Heile, stierf in 1311; de andere van onbekende naam stierf 25 maart 1320. Zowel de begravingen als de grafstenen zijn van hoger geplaatsten in de toenmalige samenleving, waaronder ook een aantal priesters en religieuzen.

Gerestaureerde grafsteen, gemaakt van Doornikse kalksteen, van Anthonis Sprancke die op 3 mei 1531 stierf. (Beeldbank SCEZ)Gerestaureerde grafsteen, gemaakt van Doornikse kalksteen, van Anthonis Sprancke die op 3 mei 1531 stierf. (Beeldbank SCEZ)

Beschilderde grafkelders

Onder de vloeren en grafstenen werden resten van 31 gemetselde bakstenen grafkelders blootgelegd. Daarvan waren er 19 aan de binnenzijde bepleisterd en voorzien van een beschildering, een niet onbekend fenomeen in zuidwest Nederland en aangrenzend Vlaanderen. Deze graven zijn voornamelijk in de 14de eeuw te dateren. De kelders waren versierd met o.a. calvaries (kruisigingsscenes), madonna’s met kind, engelen, afbeeldingen van Sint-Barbara en Sint-Catharina en verder een grote hoeveelheid kruisen in vele soorten.

Kopse zijde van beschilderde grafkelder in de kerk van Hannekenswerve met afbeelding van zittende madonna met kind, 14de eeuw. (Beeldbank SCEZ)Kopse zijde van beschilderde grafkelder in de kerk van Hannekenswerve met afbeelding van zittende madonna met kind, 14de eeuw. (Beeldbank SCEZ)

Archeologisch Museum Zeeland

Buiten de muren van de kerk werden resten van het kerkhof aangetroffen; daar is verder nog geen onderzoek naar gedaan. Dat geldt ook voor een beerput die tijdens de opgraving aan het licht kwam. Een van de vondsten uit die beerput is een bord met een opgeschilderde datering uit 1611. De funderingen van de kerk zijn na de opgraving tot iets onder het maaiveld weggebroken en enkele grafstenen zijn op de site achtergelaten. Vervolgens is het terrein opnieuw bedekt met aarde. Van de geborgen grafstenen zijn er enkele overgebracht de St. Baafskerk te Aardenburg. De hier afgebeeld gerestaureerde grafsteen is te bezichtigen in het Archeologisch Museum Zeeland in Aardenburg.

Bord van roodbakkend geglazuurd aardewerk met in slipversiering een lopende vogel en het jaartal 1611. Het aardewerk is afkomstig uit het Werragebied in het Duitse Hessen. (Beeldbank SCEZ)Bord van roodbakkend geglazuurd aardewerk met in slipversiering een lopende vogel en het jaartal 1611. Het aardewerk is afkomstig uit het Werragebied in het Duitse Hessen. (Beeldbank SCEZ)

Literatuur
Leo Adriaanse, Robert van Dierendonck en Jan Kuipers (red.), Verdronken dorpen in Zeeland 2 (special 12 bij Zeeuws Erfgoed, december 2005), Middelburg 2005.
W.P. Dezutter, Beschilderde middeleeuwse grafkelders in Zeeuwsch-Vlaanderen, Gent 1970 (ongepubliceerde licentiaatsverhandeling Rijks Universiteit Gent).
W.P. Dezutter. Enige bijzonderheden betreffende de opgravingen in de St.-Nicolaaskerk van Hannekenswerve, in: Jaarboek Heemkundige Kring West Zeeuwsch-Vlaanderen 1969-1970, 138-161.
W.P. Dezutter, De voormalige St. Nicolaaskerk van Hannekenswerve (Zeeland), in: Rijks Universiteit Gente, Gentse bijdragen tot de kunstgeschiedenis 23 (1973-1975), 49-60.
Robert M. van Dierendonck, Van Boterzande tot Wevelswaele. Archeologische gegevens van verdronken dorpen in West-Zeeuws-Vlaanderen, Tijdschrift voor Waterstaatsgeschiedenis 14 (2005) 2 (Themanummer: Mens water en landschap. De Sint-Elisabethsvloed van 1404), 96-106.
R.M. van Dierendonck (met een bijdrage van O. Brinkkemper), Aardenburg in een landschappelijk en archeologisch kader, in: R.M. van Dierendonck en W.K. Vos, De Romeinse agglomeratie Aardenburg. Onderzoek naar de ontwikkeling, structuur en datering van de Romeinse castella en hun omgeving, opgegraven in de periode 1955-heden, Middelburg 2013, 35-61.
M.K.E. Gottschalk, Historische geografie van westelijk Zeeuws-Vlaanderen. Tot de Sint-Elisabethsvloed van 1404, Dieren 1983.
Jan van Hinte, De opgraving te Hannekenswerve, in: Jaarboek Heemkundige Kring West Zeeuwsch-Vlaanderen 1963-1964, 44-82.
Jan van Hinte, Speuren in de lunchpauze, in: Jaarboek Heemkundige Kring West Zeeuwsch-Vlaanderen 1969-1970, 166.