Het Zeeuwse orlevinks en varianten

Het woord orlevinks is een van de vele woorden waarvan mensen vaak willen weten waar het eigenlijk vandaan komt. Velen denken dat het Zeeuws is, maar het is ook ver buiten Zeeland bekend.

orlevinks

Herkomst

Als men het woord met de klanken van de Nederlandse standaardtaal zou uitspreken, krijgt men Aarleveens. De herkomst van dit eigenaardige woord is immers te vinden in het Zuid-Hollandse dorp Aarlanderveen, dat in de volksmond Aarleveen genoemd werd. Het dorp lag geïsoleerd waardoor de nieuwste gebruiken uit de samenleving niet doordrongen in het dorpsleven. Het ouderwetse dorp was vooral bekend door zijn zonderlinge zeden. De Nederlandse uitdrukking Op zijn oud Aarlanderveens werd gebruikt om aan te geven dat iets ouderwets en boers was. Iemand of iets dat uit Aarlanderveen of Aarleveen kwam, was dus ouderwets, boers, lelijk, … Aarleveens kreeg dus de betekenis ‘lomp, onhandig, lelijk, ongemanierd’.

Varianten

In het Zeeuws klonk dat als aarlevinks. Daarna onststonden vormen als aorleviensig en o(e)rlevi(e)nks. In Terneuzen geeft men zelfs de verbasterde variant arlewiets. Een avelinksen of orlevienksen – vormen waarbij de r wegvalt en de l en v verspringen – is iemand die tegenwoordig als ‘einzelgänger’ of ‘rare kwibus’ getypeerd zou worden. Avelinksen kan ook ontstaan zijn naast averechtsen, dat ook gebruikt wordt om een ‘rare kwibus’ te benoemen. Vroeger zei men aevereksen of oavereksen, tegenwoordig is de k vervangen door een ch. Ook apostel en otepetoter zijn woorden waarmee men uitdrukt dat men iemand een rare kwast vindt.