Zeeuws vernuft

Begin zeventiende eeuw veranderde de houding ten opzicht van de wetenschap in Europa en daarmee ontstond tegelijkertijd een compleet nieuw wereldbeeld. Waar eerst vooral naar het verleden en godsdienstige geschriften werd gekeken, was er nu ruimte voor modern-wetenschappelijke theorieën. De natuur werd een bron voor kennis en geleerden stoelden die kennis op eigen waarnemingen. Ook verzamelden ze curiosa, exotica en naturalia om de wereld in het klein te vergaren. Dat was voor hen een middel om wetenschappelijke kennis op te doen en om Gods schepping in al zijn facetten te bewonderen. Ook in Zeeland kwam de wetenschap op en dat, in combinatie met het nodige vernuft, leverde een aantal spraakmakende uitvindingen op.

Van de middeleeuwen naar de Verlichting

Net vóór de tijd van de Verlichting, in de zestiende eeuw, kende Zeeland al wetenschappers die baanbrekend werk verzetten. Jason Pratensis werkte als arts afwisselend in Zierikzee en Veere. Hij was als lijfarts van Adolf en Maximiliaan van Bourgondië een van de bekendste medici van zijn tijd. Zijn werk over verloskunde werd nog lang na zijn overlijden gebruikt. Pratensis was bovendien de eerste geschiedschrijver van Zeeland. Hij bracht ‘de Chronyke van Zeelandt’ uit.

Jason Pratensis, geneesheer te Zierikzee, achttiende-eeuws schilderij door Jan Maurits Quinkhard (Rijksmuseum Amsterdam).

Jason Pratensis, geneesheer te Zierikzee, achttiende-eeuws schilderij door Jan Maurits Quinkhard (Rijksmuseum Amsterdam).

Ook medicus Levinus Lemnius kwam uit Zierikzee. Lemnius publiceerde werken op medisch gebied, maar hij was veelzijdig en liet zich net zo makkelijk uit over letterkunde of pedagogiek. Dankzij zijn natuurobservaties weten we veel over de Schouwse planten uit zijn tijd. Verder was hij ronduit vooruitstrevend in zijn afkeer van de astrologie en alchemie. In het Stadhuismuseum in Zierikzee staat zijn (deels beschadigde) grafsteen.

Hans Lipperhey, uitvinder van de telescoop

In 1608 vroeg de Middelburgse brillenmaker Hans Lipperhey octrooi aan op een instrument ‘om verre te sien’. Vooral de mogelijkheden die de telescoop bood tijdens oorlogen, maakten de uitvinding populair. Lipperhey kreeg opdracht om er drie te maken, maar doordat er andere claims waren, kreeg hij nooit het octrooi. Vooral de claim van stadsgenoot Zacharias Jansen werd lange tijd serieus genomen, maar inmiddels wordt Lipperhey algemeen gezien als de echte uitvinder. Tijdens de Verlichting vormde observatie de basis van de wetenschap en daarbij was de telescoop een essentieel instrument.

Verrekijker die lange tijd - ten onrechte - werd toegeschreven aan Zacharias Jansen (Zeeuws Museum, collectie KZGW).

Verrekijker die lange tijd – ten onrechte – werd toegeschreven aan Zacharias Jansen (Zeeuws Museum, collectie KZGW).

Volkssterrenwacht Philippus Lansbergen in Middelburg heeft een Hans Lipperhey Museum waar je meer over de man en zijn uitvinding te weten komt. Ook kun je hier tijdens hun ‘Zonnige Zomeravonden’ de zon observeren door een telescoop.

Johannes Goedaert, ontdekker van de metamorfose

De zeventiende-eeuwse Middelburgse insectenkundige en kunstschilder Johannes Goedaert is de grondlegger van de entomologie. Hij kweekte maden en larven op om ze vervolgens te beschrijven en af te beelden. Zijn werken hierover waren de eerste Nederlandse boeken die je in kleur kon bestellen. Met zijn werk inspireerde hij veel anderen om ook onderzoek te gaan doen. Zijn grootste prestatie is dat hij exact bijhield welke veranderingen zijn beestjes ondergingen. Hij maakte tekeningen van die metamorfoses: maden die pop en vlieg werden en rupsen die pop en vlinder werden. Tot die tijd dacht men dat kleine diersoorten spontaan tijdens verrottingsprocessen konden ontstaan.

Zeeuws genootschap

Onder invloed van de Verlichting werd het onder rijke Zeeuwen ook hip om zich bezig te houden met wetenschap. Dat leidde tot de oprichting van het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen in 1769. Dit is nu een van de oudste wetenschappelijke genootschappen van Nederland. In de beginperiode legde men zich vooral toe op de geneeskunde, theologie en toegepaste wetenschap. Later legde men ook verzamelingen aan van ‘zeldzaamheden’ zoals naturalia, exotica, kunstvoorwerpen, instrumenten, boeken, munten en penningen. Uiteindelijk focuste het genootschap zich ook op de geschiedenis van Zeeland en verzamelde het ook streekdracht en objecten uit het dagelijks leven. Met de collectie werd de basis gelegd voor het huidige Zeeuws Museum in Middelburg. Op de zolder van het museum vind je in de Wonderkamers veel exotische objecten die door het genootschap zijn verzameld. Dit filmpje van de Canon van Zeeland vertelt je meer over het genootschap.

Job Baster en de goudvis

Job Baster was in de achttiende eeuw arts in Zierikzee. In zijn vrije tijd hield hij zich bezig met de wetenschap. Hij was verbonden aan meerdere wetenschappelijke genootschappen, verzamelde naturalia, deed meteorologische waarnemingen, stelde een indrukwekkend schelpenbuffet samen en deed proeven met het kweken van goudvissen. Hij was ook degene die de goudvis in Nederland introduceerde. Het lukte hem om de vissen in verschillende kleuren te kweken. Het verhaal gaat dat goudvissen uit zijn hand aten en dat zijn vrouw ze kunstjes leerde. Aan het Havenpark, waar het woonhuis van Baster staat, vind je nu een standbeeld van de wetenschapper met een goudvis in zijn hand.

Het beeld van Job Baster, gemaakt door de Zierikzeese kunstenaar Ad Braat (Erfgoed Zeeland).

Het beeld van Job Baster, gemaakt door de Zierikzeese kunstenaar Ad Braat (Erfgoed Zeeland).

Nobelprijswinnaar Pieter Zeeman

Pieter Zeeman is een van de grootste wetenschappers die Zeeland ooit heeft voortgebracht. Hij werd in 1865 geboren in Zonnemaire, studeerde in Leiden bij vermaarde natuurkundigen en werkte aan de Universiteit van Amsterdam waar hij lector natuurkunde werd. Zeeman schreef honderden publicaties en ontving vele eredoctoraten, onder meer van de universiteit in Oxford. Hij ontdekte dat je met een magneet invloed kunt uitoefenen op licht. Dit effect heet sindsdien het Zeemaneffect. Met zijn onderzoek legde hij de basis voor de ontdekking van het elektron. Daar kreeg hij in 1902 de Nobelprijs voor.

Je kunt Zeeman in Zonnemaire nog tegenkomen. Voor zijn geboortehuis aan de Ring 17 staat een buste van hem. In Zierikzee draagt de middelbare school zijn naam.

Meteoroloog Christophorus Buys Ballot

Meteoroloog Christophorus Buys Ballot werd in 1817 in Kloetinge geboren. Hij vertrok al snel uit Zeeland, maar zijn naam leeft hier nog altijd voort, onder andere in een portretplaquette die in zijn geboortehuis aan het Marktveld is gemetseld. Hij promoveerde in de natuurkunde en doceerde geologie, mineralogie, theoretische scheikunde en wiskunde aan de Universiteit Utrecht. Ook richtte hij het KNMI op. Door gegevens van het weer te verzamelen, ontdekte Ballot een gemiddeld basispatroon van het weer. Zo legde hij de basis voor het weerbericht. Aan de hand van zijn waarnemingen toonde hij het wetmatig verband aan tussen luchtdruk en wind. Dit wordt nu de Wet van Buys Ballot genoemd.

Standbeeld van Johan Hendrik van Dale in Sluis (Erfgoed Zeeland).

Naamgever van het woordenboek: Johan Hendrik van Dale

Johan Hendrik van Dale uit Sluis was een gerespecteerd schoolmeester, archivaris en publicist uit de negentiende eeuw. Hij had grote interesse in geschiedenis, volkscultuur, taalkunde en spreekwoorden en daar publiceerde hij ook over. Zijn levenswerk waar hij ook landelijk beroemd mee werd, was een uitbreiding van een bestaand woordenboek met ruim 18.000 trefwoorden. Het samenstellen ervan was zwaar werk en hij overleed voordat het af was. De eerste ‘Dikke van Dale’ werd afgerond door zijn leerling Jan Manhave. In Sluis kreeg Van Dale postuum alle eer. Op de stadswallen vind je een bronzen borstbeeld van hem en er is een complete afdeling van Museum Het Belfort aan hem gewijd.