Levinus Lemnius

verhaal Huib Uil

Levinus Lemnius was een van de beroemdste medici van zijn tijd én een van de beroemdste Zierikzeeënaars. Met zijn publicaties overbrugde hij de periode van de middeleeuwen naar de nieuwe tijd.

Lieven Lemse

Levinus Lemnius was in zijn tijd een grote beroemdheid. Naar de mode van zijn tijd had hij zijn naam in het Latijn vertaald. In alledaags Zierikzee was hij bekend als Lieven Lemse. Zijn ouders waren zodanig gegoed dat hij naar de Zierikzeese Latijnse school mocht. Aansluitend ging hij in Gent studeren. Daar maakte Lieven kennis met onder meer de publicaties van Erasmus. Daarna, vanaf 1521, vervolgde hij zijn studie in Leuven, op dat moment de enige universiteit in de Lage Landen. Lieven studeerde aanvankelijk theologie en beheerste zodoende niet alleen Latijn maar ook Grieks en Hebreeuws. De geneeskunde trok hem uiteindelijk meer. Vermoedelijk heeft Lemnius, net zoals veel oud-studenten, aansluitend Italië bezocht en is daar wellicht tot doctor in de geneeskunde gepromoveerd.

Levinus Lemnius. Kopergravure circa 1550. (Beeldbank Gemeentearchief Schouwen-Duiveland)

Terug naar Zierikzee

Korte tijd was Lemnius arts in Brugge. Omstreeks 1527 vestigde hij zich in zijn vaderstad om zijn stadsgenoten bij te staan in hun ziekten. Hij trouwde en woonde in een huis aan de westzijde van de Manhuisstraat waar nu het appartementencomplex ‘de Veste’ staat. Een van zijn kinderen, Willem Lemnius, trad in de voetsporen van zijn vader. Levinus Lemnius werd een algemeen geacht en gewaardeerd medicus, ‘die de bevolking van zijn stad in tijden van vreugde en tegenspoed bijstond’, zo schreef oud-huisarts C.M. van Hoorn, die in 1978 promoveerde op een dissertatie over het leven en werk van zijn beroemde voorganger.

Behalve huisarts was Lemnius ook stadsdokter, wat betekende dat hij de zieken behandelde in het gasthuis, het weeshuis en het pest- en leprozenhuis. Vooral zijn moedige houding tijdens de pestepidemieën, die als een zware gesel grote delen van de bevolking in de dood konden slepen, werd geprezen. Niemand deed tevergeefs een beroep op Lemnius. Waarschijnlijk is Lemnius op het eind van zijn leven kanunnik geworden in de Sint-Lievensmonsterkerk.

Publicaties

In deze periode reisde hij veel. Hij bezocht Londen, Italië en Zwitserland en had er talrijke ontmoetingen met medici en geleerden. In 1559 had Lemnius zijn roem op geneeskundig terrein gevestigd met een boek dat als titel Occulta Naturae Miracula (de geheime wonderen van de natuur) kreeg. In 1564 verscheen een nieuwe editie met een iets gewijzigde titel. Al in 1560 was het boek in een Italiaanse vertaling uitgekomen. Als man van zijn tijd was hij veelzijdig. Dankzij Lemnius weten we veel over de flora op Schouwen in zijn tijd. Hij noemt onder meer de namen die de eilandbewoners aan de planten gaven.

Zijn veelzijdigheid blijkt uit andere publicaties van zijn hand waarin hij onder meer ingaat op de studie van de letterkunde en de pedagogiek. Zijn graf- tevens gedenksteen bleef, hoewel niet meer compleet, gespaard en berust in het Stadhuismuseum. Vroeger stond deze steen op het binnenpleintje. Daar mocht Lemnius’ biograaf, dr. C.M. van Hoorn, de steen op 26 mei 1978 onthullen. Nu is deze steen te zien in de ruimte onder de toren.

Onthulling gedenksteen voor Levinus Lemnius op 26 mei 1978 door dr. C.M. van Hoorn. (Beeldbank Gemeentearchief Schouwen-Duiveland)

In de geneeskunde overbrugde Lemnius de tijd van de middeleeuwen naar de renaissance. Vooruitstrevend waren zijn waarnemingen ten aanzien van planten, zijn verzet tegen de astrologie, de alchemie en andere zaken, die we nu als buitenissig ervaren. Epilepsie bijvoorbeeld verklaarde Lemnius niet, zoals veel van zijn tijdgenoten, vanwege demonische invloeden, maar vanuit een stoornis in de hersenen. De invloed van Lemnius was groot dankzij de vertalingen van zijn werk en de uitgebreide citaten in andere boeken.

Lemnius overleed op 1 juli 1568.

Dit verhaal verscheen eerder als column in Wereldregio, 30 juni 2018.