Mr. Justus de Huybert (1611-1682)

verhaal Huib Uil, gepubliceerd op

Meer dan in de achttiende waren er in de zeventiende eeuw onder de Zierikzeese bestuurders politieke talenten aanwezig. Als tweede stad van Zeeland zag de magistraat van Zierikzee het als haar taak om bekwame regenten af te vaardigen die ambitie hadden als bestuurders van het gewest en van de Republiek. Een van hen was mr. Justus de Huybert.

Portret van Justus de Huybert, 1665. (Collectie Rijksmuseum)Portret van Justus de Huybert, 1665. (Collectie Rijksmuseum)

Zierikzeese vroedschap

De familie De Huybert behoorde vanaf het eind van de middeleeuwen tot de meest vooraanstaande families in Zierikzee. De vader van Justus was Adriaan de Huybert, die onder meer raad, schepen, burgemeester en thesaurier van de stad was. Naar hem is de De Huybertstraat in de wijk Malta in Zierikzee genoemd. Uit zijn eerste huwelijk met Anthonetta Teellinck werden vijf kinderen geboren. Justus was de een na oudste. Zijn voornaam was een verfraaiïng van zijn doopnaam want die luidde Joos. Hij was genoemd naar zijn grootvader Joos Eewoudse Teellinck wiens carrière eindigde als lid van de Raad van State. Na de Latijnse school ging Justus in 1630 rechten studeren in Leiden.

Een plaats op de Zierikzeese regeringskussens behoorde voorlopig niet tot de mogelijkheden. Dat vanwege het feit dat Justus’ vader zitting had in de raad en het tegelijkertijd zitting hebben van vader en zoon was verboden. Zijn juridische kennis kwam te baat bij zijn benoeming tot schepen in 1645. Vier jaar later werd mr. Justus de Huybert secretaris en pensionaris van de stad. Het ambt van secretaris bracht met zich mee dat hij de penvoerder was. Dat van pensionaris betekende dat hij woordvoerder was en de vroedschap met zijn juridische kennis terzijde stond.

Driemaal weduwnaar

Ondertussen was Justus in 1640 in het huwelijk getreden met de in Antwerpen geboren Anna Engelbrechts van Dortmond. Het gezin woonde aan de zuidzijde van de Oude Haven, nu Havenplein 10. In het huis ernaast, Havenplein 12, hadden Justus en zijn ouders gewoond. Na het overlijden van Anna hertrouwde hij met de Zierikzeese Levina de Munnick. Nadat hij in 1676 opnieuw weduwnaar was geworden, hertrouwde hij met Geertruida Vorstius, geboren in Leiden en weduwe van Pieter Sterthemius, lid van de Zeeuwse Rekenkamer. Ook haar zou hij overleven. Alleen uit het eerste huwelijk werden kinderen geboren: twee dochters en een zoon.

Ambassadeur

1664 vormde een belangrijk jaar in het leven van mr. Justus de Huybert. Toen werd hij benoemd tot secretaris van de Staten van Zeeland. Op het portret is rechts de vergaderzaal van de Staten te zien. Al eerder had hij zich onderscheiden want in 1660 was hij belast met een gezantschap naar Frankrijk dat tot doel had om eerdere afspraken te vernieuwen en regelingen te treffen ten aanzien van de handel. Het werd een geslaagde missie. Daarom viel het oog opnieuw op hem toen een delegatie naar Engeland moest worden samengesteld, maar op dat aanbod ging hij niet in.

De Huybert hield er wel de eretitel van ambassadeur aan over. Trouwens, op zijn eer moet hij gesteld zijn geweest. Nagtglas schrijft in zijn Levensberichten van Zeeuwen dat De Huybert zich graag De Hubèr hoorde noemen, wat veel deftiger klonk. Nagtglas verhaalt ook dat De Huybert tevergeefse pogingen heeft gedaan de heerlijkheid Rengerskerke aan te kopen. Omdat die voor een deel in het water was verdwenen, stelde deze heerlijkheid weinig voor maar hij had zijn naam ermee kunnen verlengen: De Huybert van Rengerskerke. Die ijdelheid doet niets af aan de bekwaamheid van De Huybert. Nagtglas citeert de Zeeuwse historiekenner Pieter de la Rue die De Huybert kenschetste als onder meer ‘een liefhebber der ware deugd’, die heel goed de schijn van het zijn wist te onderscheiden.

Dit verhaal verscheen eerder als column in WereldRegio, 21 maart 2016.