De boterkanonnen van kolonel Ledel

Hoe houdt een legeraanvoerder met weinig manschappen en geschut de vijand op afstand? Door een list te bedenken. Over de strategie waarmee kolonel Ledel de stad Oostburg in 1830 verdedigde tegen Belgische opstandelingen is een spannend verhaal de ronde gaan doen.

België maakte zich in 1830 los van Nederland en riep een eigen staat uit. Daarop vielen Belgische opstandelingen Zeeuws-Vlaanderen binnen. Zij vonden dat dit gebied ook bij België hoorde. Joseph Ledel was commandant van de Nederlandse troepen. Hij had de opdracht om de Belgen terug te dringen en Zeeuws-Vlaanderen voor Nederland te behouden.

Noordwal, een deel van de oude vestingwal in Oostburg. (Beeldbank SCEZ)Noordwal, een deel van de oude vestingwal in Oostburg. (Beeldbank Erfgoed Zeeland)

Botervaten

De Belgische opstandelingen rukten op 30 oktober 1830 vanuit Aardenburg op naar Oostburg. Ledel had deze aanval voorzien en stelling genomen bij Oostburg. Het verhaal wil dat hij bevel gaf om alle botervaten in het stadje te verzamelen en op de stadswallen te zetten. Botervaten waren grote stenen potten. Op afstand zou de vijand ze kunnen aanzien voor geschut. En dat gebeurde ook, zo luidt het verhaal. Nadat de Belgen Oostburg dicht genoeg genaderd waren om te zien hoe zwaar de stad verdedigd was, maakten ze rechtsomkeert. Ledel had de aanval listig afgeslagen en Zeeuws-Vlaanderen voor Nederland behouden.

Mythevorming

In werkelijkheid rukten de Belgen wel degelijk naar Oostburg op. Daar stuitten ze op fikse tegenstand van troepen van Ledel en gewapende burgers. Overrompeld door de aanblik van een vestingwal vol boterkanonnen werden ze daar niet. Dat is een verzonnen verhaal. Dergelijke verhalen komen in andere varianten ook elders in Nederland (Groningen) en België voor. Soms zijn het dan geen botervaten maar beschilderde biertonnen die de vijand schrik aanjagen. Of koehoorns die er op afstand uitzien als geweerlopen. Zulke verhalen doen het goed in de mythevorming rond historische gebeurtenissen en personen. Vaak is de historische waarheid flinterdun. Toch koesteren mensen zulke verhalen, omdat ze bijdragen aan de identiteit van een dorp, stad of streek.