Over sponsoring en wielersport

verhaal Arnold Parre

Mark Cavendish, Peter Sagan, Marcel Kittel en John Degenkolb komen op 5 juli aandenderen op Neeltje Jans. In een bloedstollende sprint wordt beslist wie zich winnaar mag noemen en zich voor een dag de keizer van Neeltje Jans mag noemen. Als de sprinters zouden uitbollen dan zouden ze terecht komen op de Zompe, het industriegebiedje van Serooskerke (W). Daar zit Jan van der Eijk, de tweewielerspecialist die gespecialiseerd is in racefietsen en mountainbikes. Wij vragen hem naar de invloeden van de Tour en sponsoring.

Jan van der Eijk in zijn werkplaats. (foto Arnold Parre)Jan van der Eijk in zijn werkplaats. (foto Arnold Parre)

Reclame voor de fiets

Jan van der Eijk: “De Tour naar Zeeland is reclame voor de fiets. De fraaie beelden in de zomer prikkelen je om zelf te gaan fietsen. Niet alleen in Zeeland maar ook in de rest van Nederland en de wereld zullen deze gedachten boven komen. De aankoop van een fiets zal uit sportieve overwegingen zijn. Dat was vroeger anders,” herinnert Van der Eijk zich. “Het waren de oliecrisis en de autoloze zondag die de fietsverkoop stimuleerden. Premier Den Uyl sprak in 1973 de historische woorden: ‘Het zal nooit meer worden zoals het geweest is.’ Elke medaille heeft echter twee kanten, de fiets voer er wel bij.”

Vrije tijd voor de sport

Van der Eijk herinnert het zich nog als de dag van gisteren: vader had een fietsenzaak in Maasland. Zoon Jan sprong bij om aan de toenemende vraag naar rijwielen te voldoen. Vanaf zijn 10de jaar verrichtte hij hand-en-spandiensten. Maasland, het lieflijke groene dorp, onder de rook van Rotterdam. Een geliefd oord waar de huizenprijzen de pan uitrezen door de komst van welgestelden. Na de pensionering van zijn vader vertrok de familie Van der Eijk in 1978 naar Zeeland, naar Serooskerke waar de huizenprijzen een stuk lager waren. De natuur en de rust waren hetzelfde als in Maasland.

Jan van der Eijk doorliep de middelbare school in Middelburg. Hierna volgde een kantoorbaan bij een bank. De vrije tijd was er voor de sport. Duursport als triatlon werd de uitdaging. 180 km fietsen, 3,8 km zwemmen en 42,2 km hardlopen werden een passie. Een fusie bij de bank die banen overbodig maakte, zorgde er voor dat Jan in de wielerbranche terechtkwam. Daarmee trad hij in de voetsporen van zijn vader. Het is dan 2006. De aankomst van de Tour ziet Jan als de slagroom op de taart voor zijn 9-jarig bestaan als zelfstandige.

Een loods in de Zompe werd in 2006 zijn winkel annex reparatiewerkplaats. Verleden jaar is Van der Eijk verhuisd naar een pand in de Zompe, dat aan de weg Serooskerke-Grijpskerke ligt. Zijn specialiteit is de racefiets en de mountainbike, die toch een bepaald publiek trekken.

Sponsoring

Jan van der Eijk draagt als ondernemer en sporter de wielersport een warm hart toe. Zo sponsort hij het Zeeuwse 17-jarige mountainbike talent uit Vrouwenpolder, Aimeé Schoe. “Van haar gaat een stimulans uit naar de jeugd. Vaak is het moeilijk jeugd te bereiken omdat die meestal in groepsverband opereren. Voetbal en zwemmen liggen dan meer voor de hand dan er alleen op de fiets op uit trekken om de conditie op peil te houden.” Van der Eijk ziet vlakbij huis een kentering: “De plaatselijke voetbalclub is op de fiets gestapt om de conditie op peil te houden. Belangrijk is het om in teamverband eens anders met elkaar om te gaan. Op de weg komen andere leiders bovendrijven dan op de grasmat.”

Verder sponsort Van der Eijk de strandcross Brouwersdam-Westkapelle, waar zo’n kleine 300 mountainbikers aan meedoen. Hij zit daar ook in het bestuur. Dan is hij ook nog medesponsor van toerclub De Kroon uit Wissenkerke.

Fietsprovincie Zeeland

“Ik kijk uit naar de aankomst van de Tour de France op Neeltje Jans. Dat wordt een strijd van de snelle jongens. Voornaam zijn de beelden die de wereld overgaan en Zeeland als fietsprovincie profileren. Dat zal zeker de belangstelling voor en de verkoop van racefietsen stimuleren. Het wordt geen aanschaf zoals bij de oliecrisis. Het sportieve, recreatieve element zal nu de drijfveer zijn. En daar hoop ik als wielerspecialist van mee te kunnen profiteren.”

Wielen spaken

“Jongens als Mark Cavendish, Peter Sagan, Marcel Kittel en John Degenkolb zal ik nooit kunnen sponsoren. Daarvoor is de fietsbranche waarin ik zit, teveel een nichemarkt. Ik wist dit toen ik eraan begon. Het voordeel is dat ik van mijn hobby mijn beroep heb gemaakt. Ik heb het stokje van mijn vader overgenomen: hij bezat een fietsenzaak waar ook radio’s en stofzuigers werden verkocht. Het was een soort dorpswarenhuisje. Ik bezit een fietsenzaak voor racefietsen en mountainbikes. Het zit dus in de genen, al is het assortiment anders. Maar ook de tijden zijn anders. Eén ding is hetzelfde gebleven: ik spaakte op 10-jarige leeftijd wielen voor mijn vader. Dat doe ik nog steeds op mijn 53ste, ik hoop dit nog lang vol te houden.”