Molenland

Molens vormen al vele eeuwen een beeldbepalend onderdeel van het Zeeuwse landschap. Vanaf de 13de eeuw speelden ze een voorname rol in de productie en verwerking van grondstoffen. Op de kracht van het getij of van de wind: molens waren belangrijke machines van de economie. Vanaf begin 20ste eeuw verdwenen vele molens. Ze waren overbodig geworden, ingehaald door technische en economische ontwikkelingen. Toch telt Zeeland nu nog ruim 70 windmolens. Bij het behoud en beheer van deze monumenten zijn vele mensen en instanties betrokken. Ook na 2007, het Jaar van de Molens, brengen allerlei activiteiten dit sterk tot de verbeelding sprekend cultureel erfgoed onder de aandacht.

Molen Nooit Gedacht in Cadzand tijdens de feestelijke opening in 1981. (ZB, Beeldbank Zeeland, foto O. de Milliano)

Symbool

Nederland staat in de wereld bekend om zijn molens. Zoals ook tulpen en klompen vormen molens een vaak gebruikt symbool voor ons land. Molens brengt men dan meestal in verband met de waterstaatsgeschiedenis: het laaggelegen land onttrokken aan het water met behulp van windmolens. Natuurlijk worden molens al eeuwenlang ingezet als hulpmiddel bij de bemaling van land. In de ene regio is dat meer dan in de andere regio. Voor de provincie Zeeland is de rol van windmolens voor bemaling beperkt.

Postzegel met silhouet standerdmolen (1963).

Rol in Zeeuwse economie

Molens spelen in de economische geschiedenis van Zeeland een voorname rol. Ze dienden als verwerkingsplaats van allerlei grondstoffen en producten. Aan zowel voedselproductie (meel, gort, olie), gebruikswaren (planken, leer en snuiftabak) als handelswaren (chocolade, meel, olie) leverden ze een grote bijdrage. Met de komst van de stoommachine, gevolgd door machines op andere brandstoffen en uiteindelijk de elektrische motor, nam hun belang steeds meer af. De molens waar het graan tot meel wordt verwerkt (korenmolens) houden het langste stand. In de 20ste eeuw werden vanwege nieuwe fabrieken, schaalvergroting en concurrentie de meeste molens overbodig.

Tandwielen in de molen van Retranchement, 1962.

Keerpunt

Tot aan de jaren zeventig van de 20ste eeuw vielen veel molens ten prooi aan de slopershamer. Een klein aantal molens (en molenaars) wist echter vol te houden. De jaren zeventig vormden een keerpunt. Vanwege de toenemende belangstelling voor ambachtelijk meel en brood vond een opleving plaats in de tarwemaalderij. Ook groeide vanaf die tijd het bewustzijn over de historische betekenis en landschappelijke waarde van molens.

De Nieuwlandse Molen (1797) in Biervliet, gesloopt in 1926. Foto van circa 1925. (Zeeuws Archief, coll. Zeeuws Genootschap, Zelandia Illustrata)

Behoud

Reeds eind 19de eeuw ontstond aandacht voor het behoud van monumenten. Omdat molens op dat ogenblik echter nog zozeer deel uitmaken van het dagelijks leven, zag men ze toen nog niet als monumenten. In deel IV, ‘De provincie Zeeland’ van de ‘Voorloopige lijst der Nederlandsche monumenten van geschiedenis en kunst’ uit 1922, worden wel 42 molens vermeld. Enkele van deze molens waren toen echter al verdwenen. Totdat de Monumentenwet van 1961 van kracht werd, genoten molens nauwelijks enige bescherming. Vanaf die tijd konden overheid en particuliere initiatieven, zoals vereniging De Hollandsche Molen, echter daadkrachtig zorgen voor het behoud van vele molens.

Inzet

Voor het behoud van de molen zetten vele mensen zich in. Behoud en ook het beheer zijn in eerste instantie een taak voor de molenaar, degene die met de molen werkt en er ook woont. In de 20ste eeuw waren het steeds vaker particulieren die molens bewoonden. Een molen als gebouw behouden en een molen draaiende houden zijn echter verschillende zaken. Vandaar dat buiten molenaars en bewoners ook de (vrijwillige) inzet van allerlei andere personen, initiatieven en instanties hard nodig is. Dit kan bestaan uit financiële regelingen, de overdracht van vakinhoudelijke kennis, het geven van voorlichting en het verrichten van onderhoudswerk.In Zeeland zijn voor het behoud en beheer van molens met name belangrijk:
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
provinciale overheid
gemeentelijke overheden
vereniging De Hollandsche Molen
vakmolenaars
Gilde van Vrijwillige Molenaars, afdeling Zeeland
vereniging De Zeeuwse Molen
plaatselijke en regionale stichtingen
diverse particuliere fondsen
vele vrijwilligers

Restauratie molen De Onderneming, Wissenkerke, circa 1995.

Molens en landschap

Molens vallen van oudsher op in het landschap. Dat moet ook wel want anders betekent het dat ze niet vrij op de wind kunnen staan. Net als kerktorens zijn het markante herkenningspunten in het landschap. Dit gaat zeker op voor het vlakke Zeeuwse land. Met het wegvallen van het economisch belang van molens komen ze als gebouwen ook steeds meer in de verdrukking. De toenemende (hoge) bebouwing en beplanting neemt hen letterlijk de wind uit de zeilen. Zo verliezen ze nog meer aan betekenis. Ook het vrijhouden in de wind, de zorg voor een vrije windvang, is onderdeel van bovengenoemd behoud en beheer.

Molens en nog veel meer over molens

Over molens valt veel te vertellen. Veel meer dan in dit verhaal aan bod komt. Onderwerpen als: werking en techniek van de molen, taal van de molen (met wieken van molen een boodschap bekend maken), draairichting van de molen, en oudste en hoogste molen zijn slechts enkele van al die aspecten die nieuwsgierig maken… Ook is nog veel meer te vertellen over de verschillende typen molens, de wijze van gebruik en natuurlijk de molens zelf. Waar staan de molens? Hoe oud is een bepaalde molen? Waarvoor is de molen in uw woonomgeving gebruikt in het verleden? Kijk voor meer informatie over Zeeuwse molens ook eens op de website van de Vereniging de Zeeuwse Molen.

2007 Jaar van de Molens

Het jaar 2007 was uitgeroepen tot Jaar van de Molens. In dit jaar hebben molens als cultureel erfgoed extra veel aandacht gekregen. Landelijk zijn verschillende activiteiten georganiseerd voor en over molens: van lezing tot concert, van het vertellen van molenverhalen tot fietstochten. De activiteiten richtten zich overwegend op vergroting van de bekendheid met deze markante bouwwerken. Deelname aan activiteiten heeft tevens gezorgd voor een belangrijke steun aan de verschillende provinciale, regionale en lokale molenorganisaties.
Ook na 2007 vonden met grote regelmaat activiteiten plaats in en rond molens. Het helpt instanties, beheerders en vrijwilligers bij de instandhouding van dit tot de verbeelding sprekende culturele erfgoed.

Beeldmerk van het Jaar van de Molens 2007.

Molens bezoeken

Veel molens in Zeeland kunnen worden bezocht. Behalve op de jaarlijkse Open Monumentendag zijn er vaak ook op andere momenten activiteiten in en om molens. Zo vinden regelmatig speciale op een regio gerichte molendagen plaats. Meer hierover vindt u op de website van Vereniging De Zeeuwse Molen. In molen ‘De Noorman’ in Westkapelle is een klein museum ingericht door Vereniging De Zeeuwse Molen. Bovendien heeft men een documentatie- en fotoarchief aangelegd. Dit kan worden ingezien in het Gemeentearchief Tholen te Sint-Maartensdijk.

Molenrompen en molenstenen

Naast complete molens zijn in het landschap ook op verschillende plekken restanten te zien. Soms zijn dit zogenaamde molenrompen: het kale ‘molenhuis’ zonder kap en wieken. In Zeeland zijn 24 van deze molenrompen te vinden. Ook kan men op enkele plaatsen molenstenen aantreffen. Ze zijn het bewijs van verdwenen molenactiviteiten aldaar. Ook bij een smederij (smidse) liggen wel eens oude molenstenen. Deze tweedehands molenstenen gebruikte men daar vroeger als maat voor het maken van rijtuigwielen.