Michiel de Ruyter

Michiel de Ruyter, de bekendste zeeheld van Nederland, werd in Vlissingen geboren. Hij verwierf zijn heldenstatus vooral door de belangrijke zeeslagen die hij dankzij zijn strategisch inzicht won. Zijn geboortestad is nog altijd trots op hem en er zijn in Vlissingen allerlei tastbare herinneringen aan hem te vinden.

Van baldadige knul tot kapitein

Michiel Adriaenszoon de Ruyter was een kwajongen. Hij werd van school gestuurd wegens slecht gedrag en als tienjarige beklom hij de torenspits van de Sint-Jacobskerk. Wanneer je de bolle vorm van die spits nu ziet, lijkt dat haast onmogelijk, maar tijdens zijn jeugd stond de toren een tijdje in de steigers en de jonge Michiel (die toen misschien al aardig wat strategisch inzicht had) zal zijn kans hebben gegrepen. Omdat hij niet meer naar school kon, moest Michiel aan de slag als touwslagersjongen bij het befaamde en rijke Lampsinsgeslacht. Maar hij wilde vooral naar de zee en al op elfjarige leeftijd ging hij als bootsjongen mee met een schip naar Zuid-Amerika en het Caraïbisch gebied. Hij werkte zich op tot matroos en, leergierig als hij was, ook tot stuurman. Hij werkte zowel in de kaapvaart, koopvaart als walvisvaart. Toen hij 27 was, ontving hij zijn eerste commando als kaperkapitein. Hij werkte net zo lang tot hij als zelfstandig kapitein met zijn eigen schip kon varen.

Het verhaal van een deugniet die zijn leven betert en een meer dan respectabele carrière opbouwt, was een bron van inspiratie voor schrijvers. Er zijn dan ook heel wat jeugdboeken over hem verschenen.

Portret van Michiel de Ruyter. Schilderij van Ferdinand Bol, 1667 (Zeeuws maritiem muZEEum Vlissingen, collectie Provincie Zeeland, Ruyteriana Stichting).

Portret van Michiel de Ruyter. Schilderij van Ferdinand Bol, 1667 (Zeeuws maritiem muZEEum Vlissingen, collectie Provincie Zeeland, Ruyteriana Stichting).

 

Admiraal De Ruyter

Juist op het moment dat kapitein De Ruyter had besloten niet meer te gaan varen en thuis bij zijn derde vrouw Anna te blijven, vroeg de Zeeuwse Admiraliteit hem om tijdens de Eerste Engelse Oorlog kapitein en vice-commandeur te worden. Vaderlandslievend als hij was, deed hij dat, maar met aardig wat tegenzin. Zo begon zijn tweede carrière. Ook tijdens de Tweede Engelse Oorlog vocht hij voor Nederland. Hij behaalde veel overwinningen en klom op tot luitenant-admiraal van Holland en West-Friesland. Ook werd hij opperbevelhebber van de Staatse vloot. Hij bracht vernieuwing. Hij zorgde voor betere en snellere schepen (zijn nieuwe vlaggenschip De Zeven Provinciën was het beste van het beste in die tijd) en hij introduceerde nieuwe gevechtstechnieken. Ook richtte hij een speciaal onderdeel binnen de zeemacht op: het Korps Mariniers.

De overwinningen van De Ruyter

De Ruyter was betrokken bij een groot aantal zeeslagen. Dat hij nu nog altijd de bekendste Zeeuw ooit is, is vooral te danken aan het feit dat hij door groot strategisch inzicht veel van die slagen wist te winnen. Direct aan het begin van zijn tweede, militaire carrière, maakte hij naam door de Engelsen bij Plymouth te verslaan. Een indrukwekkende overwinning omdat de Engelsen veel beter bewapend waren. Zijn bekendste wapenfeit is zonder twijfel de tocht naar Chatham. Hij voer met zo’n dertig schepen en duizend soldaten naar Medway, waar hij de Engelse vloot zware schade wist toe te brengen. Het vlaggenschip HMS The Royal Charles werd als oorlogsbuit meegenomen. De versiering van de achtersteven van dit schip is tegenwoordig te zien in het Rijksmuseum in Amsterdam.

Het verbranden van de Engelse vloot voor Chatham, 20 juni 1667. Dit was een van De Ruyters grootste overwinningen. Olieverfschilderij Peter van de Velde, 1667-1700 (Rijksmuseum Amsterdam).

Het verbranden van de Engelse vloot voor Chatham, 20 juni 1667. Dit was een van De Ruyters grootste overwinningen. Olieverfschilderij Peter van de Velde, 1667-1700 (Rijksmuseum Amsterdam).

Laatste tocht

Tijdens zijn laatste tocht werd De Ruyter, naar eigen zeggen, met een te zwakke zeevloot op pad gestuurd om de Spanjaarden te helpen in hun strijd. Toch ging hij. Hij raakte gewond en stierf aan wondkoorts. Bij terugkomst werd hij begraven in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Hij kreeg een indrukwekkend groot praalgraf, dat daar ook nu nog een zeer prominente plaats inneemt.

Sporen van De Ruyter in Vlissingen

Een bezoek aan Vlissingen is onontbeerlijk als je iets mee wilt krijgen van De Ruyter. Er zijn daar nog volop sporen uit het verleden. Soms zelfs een beetje te veel sporen. Zo zijn er zo’n zes mogelijke locaties voor het geboortehuis van De Ruyter in het centrum van Vlissingen. Bij een rondleiding door de stad doe je er altijd wel een paar aan. Wel zeker is dat hij met zijn gezin aan de Nieuwstraat 13 woonde tot ze naar Amsterdam verhuisden. Het meest in het oog springt zonder twijfel het standbeeld op de boulevard die naar hem vernoemd is. Deze Michiel heeft prachtig uitzicht over het water.

Het standbeeld van Michiel de Ruyter aan de Boulevard De Ruyter in Vlissingen (Erfgoed Zeeland).

Het standbeeld van Michiel de Ruyter aan de Boulevard De Ruyter in Vlissingen (Erfgoed Zeeland).

In het Maritiem muZEEum is De Ruyter ook prominent aanwezig. Hier vind je onder andere een prachtig, statig portret, het doodshemd van De Ruyter en het touwslagerswiel dat hij bediend zou hebben. En daarmee is het verhaal van De Ruyter ook mooi afgerond. Het muZEEum is namelijk deels gevestigd in het Lampsinshuis, dat toebehoorde aan het geslacht waarbij De Ruyter aan zijn lange werkende leven begon.

Nóg meer te weten komen over De Ruyter? Er is een filmpje van de Zeeuwse canon dat je meeneemt in het Vlissingen van Michiel de Ruyter.