Bernardus Smytegelt

De predikant Bernardus Smytegelt legde sterk de nadruk op een christelijke levenshouding van gelovigen. Hij riep op tot bekering en boetedoening. Maar hij schuwde ook de maatschappelijke kwesties uit zijn tijd niet. Daarbij verzuimde hij niet de regenten van de stad op hun misdragingen te wijzen. Mede hierdoor en door zijn eenvoudige, directe en begrijpelijke manier van preken werd Smytegelt onder het volk een zeer populaire dominee. Tot op de dag vandaag is hij een van de belangrijkste leidsmannen binnen het bevindelijk protestantisme.

Bernardus Smytegelt werd geboren in Goes op 20 augustus 1665. Hij studeerde te Utrecht en werd op 20 mei 1689 beroepen te Borssele. In 1692 was hij predikant in Goes en van 1695 tot 1735 in Middelburg. Hij was een aanhanger van de leer van Voetius en trad op als boeteprediker, vooral met betrekking tot toentertijd actuele zaken.

Oude of Sint-Pieterskerk in Middelburg. Smytegelt deed hier zijn intrede als predikant en werd er ook begraven. Kopergravure J. Harrewijn, ca. 1720. (Zeeuws Archief)Oude of Sint-Pieterskerk in Middelburg. Smytegelt deed hier zijn intrede als predikant en werd er ook begraven. Kopergravure J. Harrewijn, ca. 1720. (Zeeuws Archief)

Hoogmoed

Smytegelt nam menigmaal een standpunt in over de economische en maatschappelijke ontwikkelingen in zijn tijd. Vanaf de kansel waste hij zowel regenten als het gewone volk de oren. Hij keerde zich tegen al te openlijk vertoon van weelde. Rijke mensen die zich in mooie koetsen naar de kerk lieten rijden, noemde hij hoogmoedig. En hij bestreed zwendel en corruptie in het stadsbestuur.

Tegen slavernij

Slavernij en kaapvaart waren toentertijd belangrijke inkomstenbronnen voor kooplieden uit Middelburg en Vlissingen. Smytegelt verwierp deze handel en noemde slavernij een grove en verschrikkelijke zonde. Het maakte hem niet geliefd bij de rijke handelaren en regenten uit Middelburg. Die zochten hun toevlucht bij ambtsbroeders van Smytegelt die hun economische activiteiten minder scherp veroordeelden.

Titelpagina van Bernardus Smytegelts Verklaring van de Heidelbergse Catechismus, 1747. (Zeeuwse Bibliotheek)Titelpagina van Bernardus Smytegelts Verklaring van de Heidelbergse Catechismus, 1747. (ZB)

Preken

Preken waren een belangrijk middel om gelovigen op te wekken tot vroomheid en godsvrucht. Smytegelt verwierf er een legendarische status mee. Niet voor niets spreekt men nog altijd over ‘Vader Smytegelt’. Zijn stem klonk ‘als eene klok, die het kerkgebouw tot in de hoeken vervulde’. Een of meerdere van zijn trouwe toehoorders in Middelburg maakten aantekeningen van Smytegelts preken. Hij hielp daarna om ze verder op schrift te stellen. Zo ontstond een verzameling van zijn preken (of ‘leer-redenen’). Ze werden na zijn dood gepubliceerd.

Het gekrookte riet

De bundel Het gekrookte riet verscheen voor de eerste maal in 1744. Het werk bevat 145 preken waarin Smytegelt varieert op de metafoor van het ‘gekrookte’ (geknakte) riet. Dat staat voor het beginnende geloof dat wankel en onzeker is. Breken zou het riet onder Gods leiding echter nooit, zo hield Smytegelt de gelovigen voor.

“Het gekrookte riet en zal hij niet verbreeken, ende het rookende lemmet en zal hy niet uitblusschen, tot dat hy het oordeel zal uitbrengen tot overwinninge. Ende in zynen name zullen de heidenen hoopen.” (Mattheus 12:20-21)

In zijn preken over het gekrookte riet gaf Smytegelt meer dan 400 kenmerken waaraan onzekere gemeenteleden konden toetsen of zij werkelijk bekeerd en dus behouden waren. De preken worden nog voorgelezen in de erediensten van bevindelijke gemeenten.

Bernardus Smytegelt overleed in Middelburg op 6 mei 1739. Hij werd begraven in de Oude of Sint-Pieterskerk, waar hij in 1695 ook zijn intrede had gedaan. De kerk is in de 19de eeuw gesloopt.

Literatuur
W. van den Broeke, De economische ethiek in de preken van Ds. Bernardus Smytegelt, in: Zeeuws Tijdschrift 1968, 89-96.
S.D. Post, Bernardus Smijtegelt, leven en werken, Kampen 2006.
Marianne Roobol, Bernardus Smytegelt, Het gekrookte riet, of Hondert-vyf-en-veertig predicatien over Mattheus XII: 20, 21, 1768, webexpositie De achttiende eeuw geboekstaafd, Koninklijke Bibliotheek.