Paaseiland

De ontdekking van Paaseiland is een van de hoogtepunten van de ontdekkingsreis naar het Zuidland, die Jacob Roggeveen in 1721 aanving. De bemanning van de expeditie maakte er niet alleen kennis met de bewoners maar ook met de karakteristieke beelden op het eiland. De Zeeuwse beeldhouwer Peter de Jonge maakte een replica, die bij een verzorgingstehuis in Middelburg staat.

Bij Tongariki op Paaseiland staan vijftien enorme moai beelden op een rij (foto oktober 2008).

Bij Tongariki op Paaseiland staan vijftien enorme moai beelden op een rij (foto oktober 2008).

Paaseiland ligt erg afgelegen. Het vasteland van Zuid-Amerika ligt op ruim 3.700 kilometer afstand naar het oosten. Zo ver is het dus ook naar Chili, het land waartoe Paaseiland sinds 1888 behoort. Op ruim 2.000 kilometer van Paaseiland ligt pas het dichtstbijzijnde bewoonde eiland, Pitcairn.

Kaartje met aanduiding ligging Paaseiland tussen Australië en Zuid-Amerika

Kaartje met aanduiding ligging Paaseiland tussen Australië en Zuid-Amerika.

Het eiland

Het oppervlak van Paaseiland bedraagt ruim 160 vierkante kilometer. Vergeleken met het grote oppervlak aan lege oceaan eromheen is het een klein eiland. Het eiland is driehoekig van vorm. Enkele oude vulkanen zijn tevens de hoogste punten op het eiland. Het eiland is echter nergens hoger dan 500 meter boven zeeniveau. Met een subtropisch klimaat bedraagt de jaarlijks gemiddelde temperatuur ongeveer 20 graden. Hanga Roa (of Hangaroa) is tegenwoordig het enige stadje op het eiland. Op Paaseiland wonen nu ongeveer 3.800 mensen. De voertaal is Spaans.

Paaseiland, uitsnede uit de kaart van de reis van Jacob Roggeveen (bijlage bij Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen, Archief, vroegere en latere mededeelingen voornamelijk in betrekking tot Zeeland, 1911).

Paaseiland, uitsnede uit de kaart van de reis van Jacob Roggeveen (bijlage bij Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen, Archief, vroegere en latere mededeelingen voornamelijk in betrekking tot Zeeland, 1911).

Rapa Nui

Paaseiland is de naam die het eiland draagt sinds de ontdekking in 1722. In 1770 deden de Spanjaarden een poging om de naam te veranderen in Isla San Carlos. Toch bleef Jacob Roggeveens naam, Paaseiland, ook later gehandhaafd, natuurlijk wel omgezet naar de diverse talen. Zo heette het Isla de Pascua (Spaans), Easter Island (Engelstalig) en Île de Pâques (Frans). De bewoners van de Stille Oceaan noemden het Paaseiland ‘Rapa Nui’, ofwel ‘grote plaats’. Inwoners van het eiland zelf gebruikten en gebruiken de naam ‘Te Pito o Te Henua’. Vrij vertaald betekent dit ‘de navel van de wereld’.

Slavendrijvers

Vanaf 1804 kwamen slavenhandelaren naar Paaseiland om er slaven te ronselen. In 1862 leidde dit tot een regelrechte ramp. Slavendrijvers uit Peru namen toen het grootste deel van de bevolking als slaaf gevangen. Ze brachten ze naar Zuid-Amerika. Daar werden ze verkocht en moesten ze slavenarbeid verrichten bij de winning van guano. Daarbij kwamen velen van hen om het leven. In het jaar 1872 waren er nog maar 111 eilandbewoners overgebleven. De cultuur van de eilandbewoners ging met dit alles grotendeels verloren.

Moai

Paaseiland heeft, naast een bijzondere naam natuurlijk, nog iets zeer opvallends. Het zijn de grote beelden van soms wel negen meter hoog. Het zijn monolieten, gemaakt uit één stuk vulkanisch gesteente. De beelden zijn er mede oorzaak van dat het eiland zo beroemd is: ze geven het eiland iets mysterieus. De naam van deze monolieten is ‘moai’. Er zijn bijna duizend van deze grote en zware moai aanwezig op het eiland. Weinig van deze beelden staan nog op hun oorspronkelijke plaats. De meeste zijn opnieuw recht overeind gezet. Veel van de moai liggen nog op de plaats waar ze honderden jaren geleden uit de rotsen zijn gehakt. Een aantal van hen heeft (opnieuw) een ronde, stenen hoed op het hoofd.

Sommige beelden liggen of staan nog op de plek waar ze uit de steen zijn gehakt. Hier verschillende Moai tegen de helling van de vulkaan Rano Raraku (oktober 2008).

Sommige beelden liggen of staan nog op de plek waar ze uit de steen zijn gehakt. Hier verschillende Moai tegen de helling van de vulkaan Rano Raraku (oktober 2008).

Mysterie?

De moai stellen mensachtige figuren voor. Dit zijn echter geen voorouders of goden. Moai zijn een gestileerde weergave van een in het verleden op het eiland geaccepteerd symbool van eenheid. In het sociale en economische leven van de Paaseilanders speelden ze lange tijd een centrale rol. De moai staan voor macht, afkomst, status, traditie en goddelijke krachten. Rond het jaar 1000 begonnen de eilandbewoners met het oprichten van moai.

De stamvaders of familieoudsten waren de opdrachtgevers voor het maken ervan. Het hakken van moai uit de rotsen en het beeldhouwen vergde veel tijd en vakmanschap. Zowel het maken als neerzetten van de beelden gingen gepaard met uitgebreide rituelen. Het maken van een beeld was dus een behoorlijke investering, maar leverde na voltooiing bevestiging van eenheid, kracht èn macht.

Spierkracht

Over het verplaatsen van deze vaak enorme monolieten zijn wetenschappers het nog niet eens. De moai werden immers gehakt uit gesteente van een vulkaan in het binnenland maar uiteindelijk geplaatst aan de kust. Waarschijnlijk is voor dit transport gebruik gemaakt van boomstammen als hulpmiddel. Zeker is dat vele mensen en veel spierkracht nodig waren voor een dergelijk transport.

Moai beeld bij Tahai (Wikimedia Commons). Eenzame moai met hoed bij Tahai, ten noorden van Hanga Roa. Zoals alle moai aan de kust staat ook deze met de rug naar het water... De beelden kijken immers in de richting van de mensen die ze beschermen.

Moai beeld bij Tahai (Wikimedia Commons). Eenzame moai met hoed bij Tahai, ten noorden van Hanga Roa. Zoals alle moai aan de kust staat ook deze met de rug naar het water… De beelden kijken immers in de richting van de mensen die ze beschermen.

Replica

Een replica van een dergelijke moai staat in Middelburg. Het beeld is gemaakt door beeldhouwer Peter de Jong. Hij is ook de maker van het Dijkwerkersbeeld bij de Veersegatdam. Tot 2007 verwelkomde het beeld de bezoekers en voorbijgangers van het Roggeveenhuis, een voormalig zorg- en verpleegcentrum. Dit gebouw is gelegen aan de Noordsingel in Middelburg. In de volksmond staat het beeld bekend als ‘de kop van Jacob Roggeveen’. In mei 2007 werd het beeld verplaatst naar verpleegcentrum Buitenrust aan de Buitenruststraat. Tegenwoordig staat het in het Molenwaterpark.