Bier

Vroeger kon je beter bier drinken dan water. Het brouwen van bier was dus een belangrijk beroep. Ooit barstte Zeeland van de brouwerijen. Tegenwoordig maakt Zeeuws bier een comeback. Overal in de provincie zijn micro-brouwerijen opgestart.

Het belang van bier

In Zeeland wordt al sinds de middeleeuwen bier gebrouwen. Bier was beter te vertrouwen dan water uit de stadsgracht of de waterput. Bier bevatte destijds wel minder alcohol, dus je kon er ook wat meer van op. Eerst werd er vooral voor eigen gebruik gebrouwen, maar al snel werd het ook voor de verkoop gemaakt. Over bier mocht accijns worden geheven en dus was de productie en consumptie ervan belangrijk voor de stad. Bierbrouwers hoorden vaak bij de notabelen van de stad (zo was de vader van Jacob Cats bijvoorbeeld biersteker en behoorde daarmee tot de gegoede burgerij). Toen men erachter kwam dat bier met hop niet alleen beter smaakte, maar ook beter bewaard en vervoerd kon worden, werd er nog meer geproduceerd.

Problemen in de achttiende eeuw

Bier was een alternatief voor water, maar in de achttiende eeuw kwamen er meer dranken op de markt: koffie, thee en chocolade. Op alcoholisch vlak kwamen toen ook nog de gedistilleerde dranken op. Het betekende het einde voor veel ambachtelijke bierbrouwerijen. In Vlissingen bleef er bijvoorbeeld maar eentje over.

De koeltoren van brouwerij Van Waes Boodts in 2010 (Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, foto C.S. Booms).

De koeltoren van brouwerij Van Waes Boodts in 2010 (Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, foto C.S. Booms).

Vooruitgang in de negentiende eeuw

In de loop van de negentiende eeuw maakten nieuwe kennis en technologie het mogelijk om ander bier te produceren. Beijersch bier werd populair. Er werden nieuwe bierbrouwerijen opgericht. In Westdorpe begon Emile van Waes Beiersch Bierbrouwerij Van Waes Boodts in een voormalige steenfabriek. Al snel kregen deze nieuwe brouwers te maken met de grote spelers zoals Heineken en Amstel waar ze niet tegenop konden. Het gros van de Zeeuwse brouwerijen hield het nog een tijdje uit door ook limonade te produceren. Beiersch Bierbrouwerij Van Waes Boodts had de beschikking over eigen waterputten en stak qua kwaliteit lokaal iets boven de rest uit. Zij hebben het mede daardoor nog volgehouden tot de jaren zestig van de twintigste eeuw. Het markante gebouw waar de brouwerij in gevestigd was, kun je nog wel altijd in Westdorpe zien – tegenwoordig is het een woonhuis.

Bierhuizen

Rond de tijd van het Beijersch bier ontstond er ook voor het eerst een bierdrink-cultuur. De bierhallen en bierhuizen deden hun intrede. Zo’n bierhal was een soort mix tussen een slijter en een bierhuis. Daarnaast nam het aantal cafés toe doordat mensen meer vrije tijd kregen en meer geld te besteden hadden.

Bierhal van D. Bosch aan de Latijnse Schoolstraat in Middelburg omstreeks 1880 (ZB, Beeldbank Zeeland, foto J. Prins).

Bierhal van D. Bosch aan de Latijnse Schoolstraat in Middelburg omstreeks 1880 (ZB, Beeldbank Zeeland, foto J. Prins).

Van pilsjes naar speciaalbieren

Pils domineerde lange tijd de Nederlandse biermarkt. In de jaren tachtig van de twintigste eeuw begon men zich meer te interesseren voor Belgische bieren. Toen begonnen Nederlandse brouwers zich ook op deze speciaalbieren te richten. Die trend zette zich in heel Nederland voort en uiteindelijk ontstonden er veel micro-brouwerijen die lokale bieren uitbrachten. Ook Zeeland gaat mee in die trend. Tegenwoordig heeft Middelburg een Stadsbrouwerij waar je met de brouwketels op de achtergrond biertjes kunt proeven. In Hulst kun je terecht bij Brouwerij Vermeersen – zij produceren op wat grotere schaal. Slot Oostende in Goes is ook een vrij grote brouwerij. Bijzonder is dat zij op de locatie van het voormalige Slot Oostende een nieuw slot hebben opgebouwd. Naast een brouwerij zit hier ook een café en restaurant. Op de vele foodfestivals die de provincie kent, staan doorgaans aanbieders van speciale bieren. Bij het Abdijbierfestival dat jaarlijks in mei in de Middelburgse Abdij wordt georganiseerd, is het andersom. Hier kun je ook wat eten, maar het draait in feite toch allemaal om het proeven van verschillende bieren. Bier leeft als nooit tevoren in Zeeland en die trend lijkt nog wel even voort te duren.