Wilde Tilly uit Terneuzen

Mathilde Willink-de Doelder (1938-1977)

Mathilde de Doelder werd op 7 juli 1938 geboren in Terneuzen. Ze groeide in die stad op als oudste in een gezin met vijf dochters. Vader Pierre Jean Baptiste de Doelder was hoofdwerktuigkundige op een schip en verbleef meestal op zee. Moeder Elisabeth Cové zorgde grotendeels voor het gezin. Al op jonge leeftijd had Mathilde een eigen kamer in de Irenestraat. Ze volgde het gymnasium aan het Petrus Hondius Lyceum in Terneuzen. Het huiswerk riep, maar de wereld trok nog meer. En die was vlakbij in Porgy & Bess, het muziekcafé van Frank Koulen.

Extravagant

Ook in die tijd kleedde ze zich al extravagant. Ze trok mannen aan die ouder waren dan zij zelf. Zo had ze een verhouding met haar geschiedenisleraar van het lyceum. Deze Camiel Lekkerkerker kwam vragen om de hand van Mathilde. Vader De Doelder trapte de man woedend het huis uit.

Mathilde Willink op de dijk bij Vlissingen.

Vertrek naar Amsterdam

Op 19-jarige leeftijd vertrok Mathilde naar Amsterdam om er aan de universiteit letterkunde en klassieke talen te gaan studeren. In Amsterdam vond ze werk als administratief medewerkster bij een boekhandel op het Damrak. Ze trok al snel in bij de veel oudere psychotherapeut Julius Bierens. Op de verzuchting van haar moeder: ‘Ga nou toch eens met leuke jongens uit’, antwoordt Mathilde: ‘Nee, ik wil een oudere man, die of rijk of beroemd is.’

Carel Willink

Via Bierens kwam zij in 1960 in contact met de schilder Carel Willink. Die was op dat moment 60 jaar, terwijl Mathilde nog maar 21 was. Willink was net weduwnaar van zijn tweede vrouw Wilma. In zijn atelier aan de Ruysdaelkade maakte hij apocalyptische, ruïneuze stadslandschappen uit een antieke samenleving (het Derde Rijk) die ten onder ging. Door de opkomst van de modernen (Appel, Corneille en de Cobra-beweging) was Willink op dat moment in de kunstwereld uit de gratie. Dat veranderde zodra Mathilde een verhouding met Willink begon. Die was overigens grotendeels platonisch. Hij noemde haar ‘mijn inspirerende, mooie, verwende en kostbare muze’ en ‘ze is een superpoes, een mooi ding om in huis te hebben.’

Mathilde in een creatie van Fong Leng. Amsterdam 1977. (Foto: ANP PHOTO 1977, CC-Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 4.0 Licentie)

Beeldentuin Bomarzo

Eerst werkte Mathilde nog als KLM-stewardess. Toen hij met hun gezamenlijke optreden succes kreeg, begon Willink haar te onderhouden. Hij schonk haar chique en dure kleding uit boetieks aan de P.C. Hooftstraat. Hij stelde persoonlijk de krijgskleuren vast die ze als make-up ging gebruiken. Willinks werk begon weer te leven en de schilder werd weer een gevraagd artiest. Mathilde nam hem mee naar de beeldentuin van Bomarzo in Italië. Dit bezoek zou van enorme invloed zijn op het latere werk van Willink.

Mode van Fong Leng

Mathilde trouwde in 1969 met Willink. De schilder moest steeds meer werk verkopen om zijn vrouw te onderhouden. Die kocht peperdure modeontwerpen van de Chinees-Nederlandse ontwerpster Fong Leng. De zijden japonnen, bestikt met extatische Aziatische tijgermotieven, kostten 10.000 tot 30.000 gulden. Tegelijkertijd ging Willink zijn werk veel beter verkopen. Mathilde Willink-de Doelder, alias het Fenomeen, alias het Levende Kunstwerk, leefde niet langer in kunst, ze wàs nu zelf kunst.

Koningin van het nachtleven

‘Wie geen talent heeft, doet het beste in de schaduw van een groot man te leven.’ Met deze woorden van de Romeinse wijsgeer Tacitus beredeneerde Mathilde haar keuze om samen met de veel oudere Willink te leven. Ze deed zich vaak dommer voor dan de intelligente vrouw die ze werkelijk was. Ze was de oppermuze van de Amsterdamse kunstscène en grondlegger van het ik-tijdperk. Ze was de koningin van het nachtleven.

Huwelijk voorbij

In 1975 pakten de eerste donkere wolken boven het paar zich samen. Willink begon een affaire met topmannequin Andrée Rupp. Toen Mathilde daarvan lucht kreeg, bekogelde ze de open sportauto van Rupp met eieren. Kort daarop had Willink weer een ander, de schilderes Silvia Quiël. Verteerd door jaloezie stortte Mathilde zich in augustus 1976 met een broodmes op twee schilderijen. Ze sneed Portret van Wilma (1952) en Portret van Mathilde (1963) tot reepjes canvas. Later werden de schilderijen gerestaureerd.

Mediastunts

Het huwelijk was voorbij. Mathilde ging wonen in een door Willink betaald appartement aan de Weteringschans. Pal naast poptempel Paradiso en met uitzicht op Willinks huis aan de Ruysdaelkade. Mathilde kwam telkens met nieuwe mediastunts. Zo landde ze met een parachute in een wit pak van Fong Leng in de tuinen van Bomarzo.

Een van de laatste foto’s van Mathilde. (Foto: ANP PHOTO 1977, CC Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 4.0 Licentie)

Zelfmoord?

Mathilde probeerde in New York nog tevergeefs in het gevolg van de surrealistische schilder Salvador Dali te komen. De scheiding van Willink werd op 2 juni 1977 uitgesproken. Ze kreeg in eerste instantie 62.500 gulden mee. In september opende ze daarmee haar eigen galerie. Twee weken later, op 25 oktober 1977, werd ze dood in haar appartement gevonden.Haar dood is met raadsels omgeven. Mathilde ging die laatste weken om met de Amsterdamse maffia die via haar de jetset van de stad van cocaïne voorzag. Ze werd gevonden met een pistool dat in de Amsterdamse onderwereld werd gebruikt. De rechtshandige Mathilde zou zelfmoord hebben gepleegd door zichzelf door het linkeroor te schieten. Iets dat praktisch vrijwel onuitvoerbaar is. Voor de politie bleef zelfmoord echter de doodsoorzaak.

Voorbeeld ik-tijdperk

Mathilde de Doelder werd slechts 39 jaar. Ze was een van de eerste Nederlanders die zichzelf beroemd maakte. Iemand die zichzelf op de voorgrond schoof in een tijd dat dit niet gebruikelijk was. Tegelijkertijd verloochende ze haar afkomst nooit. Haar zware Zeeuws-Vlaamse tongval (met het uitspreken van de h in plaats van de g) gaf haar verschijning een nog extravaganter tintje. Mathilde de Doelder is beslist een van de kleurrijkste Zeeuwse vrouwen geweest.

Meer informatie in de biografie van Mathilde Willink-de Doelder geschreven door Vera Weterings voor het Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland.

De laatste twee foto’s zijn afkomstig uit het ANP Historisch Archief, gelicenseerd onder de Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 4.0 Licentie.