Keur van de Vier Ambachten

De Keur van de Vier Ambachten uit 1242 regelde een succesvolle bestuursvorm in het huidige Zeeuws-Vlaanderen. De goede samenwerking en gemeenschappelijke regelgeving droegen in de late middeleeuwen bij aan de bloei van het gebied rond Axel en Hulst.

Kaart van de Vier Ambachten.Kaart van de Vier Ambachten.

Inpolderingen

In de 12de en 13de eeuw werd in een groot deel van Zeeland, waaronder het huidige Zeeuws-Vlaanderen, grond ingepolderd. Dat gebeurde door lokale gemeenschappen en vooral onder invloed van de bloeiende steden Brugge en Gent en een aantal Vlaamse abdijen. Hierdoor ontstond vruchtbare landbouwgrond en konden veengronden worden ontgonnen.

Vier ambachten

Samenwerking tussen de verschillende ambachten, een soort middeleeuwse plattelandsgemeenten, werd nu noodzakelijk. In het oostelijke deel van Zeeuws-Vlaanderen waren in die periode vier ambachten die steeds meer met elkaar gingen samenwerken.

Boekhouter Ambacht, met onder meer Oosteeklo, Bassevelde, Boekhoute en Biervliet.

Assenedener Ambacht, met onder meer Ertvelde, Assenede en Sas van Gent.

Axeler Ambacht, met onder meer Axel, Terneuzen, Zaamslag, Westdorpe, Zuiddorpe en Wachtebeke.

Hulster Ambacht, met onder meer Hulst, Hengstdijk, Ossenisse, Graauw en Sint Jansteen.

Keur

Voor de verdere ontwikkeling van het gebied rond Hulst en Axel was 1242 een belangrijk jaar. Hoewel de ambachten al enige vorm van samenwerking kenden, werd dit in 1242 officieel vastgelegd. De gravin van Vlaanderen, Johanna van Constantinopel, verleende de Vier Ambachten toen een keur. Deze keur omvatte alle regels en bevoegdheden van de ambachten binnen het graafschap en legde de juridische basis voor de rechtspraak, het bestuur en de organisatie van de waterstaat.

De Vier Ambachten werden met deze keur juridisch en bestuurlijk met elkaar verbonden. Daardoor won het gebied in Vlaanderen aan belang. Datzelfde gold voor de stadjes Axel en Hulst, die al eerder stadsrechten hadden gekregen en daarmee tot de oudste steden van Zeeland behoren.

De keur sprak zich uit over zaken die het bestuur en zijn functioneren betroffen, over de rechten, plichten en straffen en over waterstaatszaken. Elk ambacht had een eigen schepenbank, waaraan ook een schout, griffier en secretaris verbonden waren. Wie het niet eens was met de uitspraak van de schepenbank kon in beroep gaan bij de Raad van Vlaanderen in Gent.

Couffre

Aan de keur werd veel belang gehecht. Het document werd als een soort relikwie bewaard in een couffre, een eikenhouten kist, met vier sleutels. Elk ambacht bezat een van de sleutels. De inhoud van de kist werd jaarlijks op de keurdag gecontroleerd. Lange tijd gebeurde dit in Assenede, later stond de kist in Axel. Couffre en keur gingen in 1574 bij een brand verloren. De oudste kopie van de keur wordt bewaard in een archief in Wenen.

De oude keur is door een brand verloren gegaan. Kopieën worden bewaard in een nieuwe couffre. (foto Elly Luitjens, Stichting Axel800)De oude keur is door een brand verloren gegaan. Kopieën worden bewaard in een nieuwe couffre. (foto Elly Luitjens, Stichting Axel800)

Scheiding

De Vier Ambachten bleven 350 jaar met elkaar verbonden. Tot het gebied in 1585 tijdens de Opstand tussen de Republiek en Spanje frontgebied werd en werd gescheiden. In 1795 werden de Vier Ambachten weer voor even samengevoegd, om in 1830, met de onafhankelijkheid van België, definitief door de nieuwe landsgrenzen gescheiden te worden.

Keuredag in 2013. (foto Elly Luitjens, Stichting Axel800)Keuredag in 2013. (foto Elly Luitjens, Stichting Axel800)

Keuredag

In 1992 besloten de heem- en oudheidkundige verenigingen van de vier ambachten om de traditie tot leven te wekken. Het was dat jaar precies 750 jaar geleden dat gravin Johanna de keur had verleend. De verenigingen besloten tot het opnieuw invoeren van een Keuredag en lieten een nieuwe couffre maken, met vier sloten, die alleen open kunnen als alle verenigingen present zijn. In de couffre worden kopieën van de middeleeuwse documenten bewaard. De Keuredag vindt eens in de paar jaar plaats. De vertegenwoordigers (‘baljuws’) van de verenigingen zijn daarbij in historische kledij gestoken.

Literatuur
A.M.J. de Kraker (red.), ‘Over den Vier Ambachten’; 750 jaar keure, 500 jaar Graaf Jansdijk, Kloosterzande 1993.
A.M.J. de Kraker, De geschiedenis van 750 jaar Vier Ambachten in vogelvlucht, in: Zeeuws Tijdschrift 42 (1992) 2, 60-69.