Frans Naerebout (1748-1818)

Loods en mensenredder

Het was zaterdag 23 juli 1779 toen het fregatschip Woestduyn, met bijna honderd opvarenden, komende uit Batavia, na een lange reis de kust van Walcheren in zicht kreeg. Naast de bemanning had het schip ook passagiers, waaronder vrouwen en kinderen, aan boord. Bij Zoutelande liep het vast op een zandbank. De Vlissingse visser Frans Naerebout wist in samenwerking met acht andere redders de meeste opvarenden veilig aan land te brengen.

Frans Naerebout, kopergravure door P. Velijn, circa 1800 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 1039).

Frans Naerebout, kopergravure door P. Velijn, circa 1800 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 1039).

In het Engelse Kanaal was een loods aan boord gekomen waarvan de kapitein van de Woestduyn dacht dat hij verstand had van de vaargeulen voor de Walcherse kust. Helaas bleek dit een misrekening. Op die zaterdagmorgen liep het schip voor de kust van Zoutelande in een vliegende storm vast op een zandbank. Het schip kon niet uit zichzelf los komen en werd een speelbal van de woeste golven. Al snel werd een sloep met zeven personen over boord gezet die met veel moeite de kust kon bereiken. Een reddingsboot van de Oost-Indische Compagnie weigerde uit te varen in verband met de hoge grondzeeën en de verslechterende weersomstandigheden.

Het vastlopen van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 504).

Het vastlopen van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 504).

Die nacht besloot Frans Naerebout samen met zijn broer Jacob en nog zeven dappere Vlissingers naar het schip te zeilen om de overige opvarenden van het verloren schip te redden. Toen ze laverend tegen de stormachtige wind uit het noordwesten bij de Woestduyn kwamen, zagen ze hoe de opvarenden zich op twee stukken van het wrak vastklampten.

Het redden van het volk van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 818).

Het redden van het volk van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 818).

Met veel moeite werden 71 opvarenden aan boord genomen, die ’s zondagsmorgen om elf uur in Vlissingen aan wal konden gaan.

De gebroeders Naerebout redden de schipbreukelingen van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 1508).

De gebroeders Naerebout redden de schipbreukelingen van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 1508).

Na een goed uur besloot men nogmaals uit te varen om de 16 overgebleven schipbreukelingen, waaronder de schipper en de stuurlieden, te redden. Ook deze reddingsoperatie slaagde wonderwel, zodat in totaal 87 mensen van de verdrinkingsdood werden gered. Helaas kwamen 12 personen, waaronder drie baby’s, om in de golven.

Het vergaan van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 1882).

Het vergaan van de Woestduyn, kopergravure door A. Fokke Wzn. en M. Sallieth, 1779 (Zeeuws Archief, HTA Vlissingen nr. 1882).

Frans Naerebout (‘Den onverschrokken Naerebout’, aldus een regel van het Zeeuwse volkslied) werd op 30 augustus 1748 te Veere geboren en vertrok op twintigjarige leeftijd naar Vlissingen. Mede door zijn werk als vissersman had hij veel kennis van de vaargeulen en de gevaarlijke zandbanken. Als visser verrichtte hij daarom ook loodsdiensten. Vijf jaar na de ramp met de Woestduyn kwam hij als loods in dienst bij de Oost-Indische Compagnie.

Met het binnentrekken der Fransen en het einde van de VOC werd Frans Naerebout in 1796 ‘gepensioneerd’. Op zestigjarige leeftijd verhuisde het gezin Naerebout naar Goes, alwaar hij vier jaar later sluismeester werd bij het Goese Sas.

Onthulling van het standbeeld op Boulevard Bankert, 1919 (Zeeuws Archief, Fotocollectie Vlissingen nr. 4384).

Onthulling van het standbeeld op Boulevard Bankert, 1919 (Zeeuws Archief, Fotocollectie Vlissingen nr. 4384).

Bepaald niet rijk stierf hij op 29 augustus 1818, waarna hij in de grote Maria Magdalenakerk te Goes werd begraven. Honderd jaar later werd ter ere van hem in Vlissingen op de Boulevard, aan het einde van de Coosje Buskenstraat, een standbeeld onthuld. Tijdens de oorlogshandelingen bij de bevrijding van Vlissingen in 1944 liep dit monument onherstelbare beschadigingen op. In 1952 kwam een ander standbeeld van hem op het Bellamypark. Zeer terecht is dit standbeeld weer verplaatst naar Boulevard De Ruijter, waar hij nu uitkijkt over de soms woeste zee die hij met zijn moedige redding tartte.

Standbeeld op het Bellamypark, circa 1952 (Zeeuws Archief, Fotocollectie Vlissingen nr. 14852).

Standbeeld op het Bellamypark, circa 1952 (Zeeuws Archief, Fotocollectie Vlissingen nr. 14852).

Literatuur

Jona Willem te Water, Bericht wegens het verongelukte Oost-Indische schip Woestduin en de redding der schepelingen.
J. Stamperius, Frans Naerebout, 2004.