Achter de schermen bij een eendenkooi

Eendenkooien zijn een bij wet geregistreerd vangmiddel. Ze kwamen al in de middeleeuwen voor en hebben nu vooral cultuurhistorische, landschappelijke en wetenschappelijke betekenis. De kooi op Sint Philipsland werd in 1882 aangelegd in opdracht van P.H.A. Martini Buys, de schoonzoon van de bedijker van de Anna Jacobapolder.  

De kooi heeft het klassieke rogge-ei-model. Hij bestaat uit 7 hectare bos rond een halve hectare grote waterplas, met vier – één op iedere windrichting – bochtige, smal toelopende vangpijpen, omringd door rietschermen en vogelnetten. Het kooibos geeft beschutting. De struiken en bomen gaan rondom de plas ‘geleidelijk’ op, zodat eenden deze op hun aanvliegroutes vanuit de lucht goed kunnen waarnemen. Het stiltegebied is ruim 11 hectare groot en staat geregistreerd met recht van afpaling. Dat houdt in dat binnen een denkbeeldige cirkel rond het hart van de kooi – bij onze kooi in een straal van 625 meter – een rustverstoringsverbod geldt. 

Pullen van de wilde eend in een nestkorf

Pullen van de wilde eend in een nestkorf

Het ambacht

Eenden vangen gebeurt in een unieke samenwerking tussen kooiker, kooikerhondje en de makke staleenden. Daarnaast is er een vliegstal met half makke eenden. Die foerageren ’s nachts in de wijde omgeving en keren tegen zonsopgang terug met in hun kielzog de wilde eenden.  

Omdat eenden altijd tegen de wind in opvliegen, zijn er meerdere vangpijpen. De kooiker kiest de vangpijp waar tegen de wind in gevangen kan worden. Op het juiste moment komt het signaal voor de hond. Die reageert direct en acteert rondom de rietschermen met de witte, vlaggende staart om de wilde eenden nieuwsgierig te maken. Tegelijkertijd strooit de kooiker lokvoer over de schermen. De makke staleenden komen daarop af en lokken hun wilde soortgenoten de vangpijp in. Zodra ze ‘door de bocht komen’, verschijnt de kooiker ‘achter de schermen’ en vluchten de eenden ‘de pijp uit’ richting het vanghok.  

Vroeger werden de eenden verkocht aan de poelier of pruttelden ze bij de kooiker zelf in de pan. Eeuwenlang was zo hun lot bezegeld.  

Gravure van een eendenkooi

Gravure Philips Galle

Werken voor de wetenschap

Tegenwoordig dient de eendenkooi andere doelen. Het is bijzonder om het eeuwenoude kooikersambacht in stand te houden in combinatie met hedendaags wetenschappelijk onderzoek. Het ‘vangklaar’ houden van de kooi is nodig om het afpalingsrecht te behouden. De eenden worden op authentieke wijze gevangen, waarna ze worden voorzien van een metalen ring. Dan volgt het biometrieonderzoek: het wegen en meten van kopsnavel-, poot- en vleugellengten. Ook worden swaps van keel en cloaca genomen en bloedmonsters voor het zoönosenonderzoek. Zoönosen zijn ziekten die overdraagbaar zijn van dieren op mensen, zoals vogelgriep. 

Afnemen van bloedmonster bij een wilde eend woerd

Afnemen van een bloedmonster